ECLI:NL:GHDHA:2020:796
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- E.A. Mink
- A.A.F. Donders
- M.Th. Linsen-Penning de Vries
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging omgangsregeling en verwijzing naar omgangshuis ondanks verstoorde communicatie ouders
In deze civiele zaak staat de omgangsregeling tussen de vader en zijn minderjarige kind centraal. Het hof verwijst naar eerdere tussenbeschikkingen en het traject bij het Rotterdams Omgangshuis, dat niet tot daadwerkelijke omgang heeft geleid vanwege praktische bezwaren van de ouders.
De moeder weigert verdere gesprekken met de vader en stelt dat er geen omgangsregeling meer moet komen. De vader wil wel contact en heeft contact gezocht met het Jeugd Ondersteunings Team voor begeleiding. De Raad voor de Kinderbescherming benadrukt het belang van contact en ziet geen contra-indicaties.
Het hof overweegt dat het recht op omgang met ouders wettelijk en internationaal is gewaarborgd en dat het belang van het kind voorop staat. Ondanks de verstoorde relatie tussen de ouders moet het kind de mogelijkheid krijgen zijn vader te leren kennen. De moeder wordt aangespoord haar medewerking te verlenen. De rechtbankbeschikking wordt bekrachtigd, inclusief de dwangsom voor naleving van de omgangsregeling.
Uitkomst: De beschikking van de rechtbank inzake de omgangsregeling wordt bekrachtigd en de omgang tussen vader en minderjarige wordt bevorderd ondanks verstoorde communicatie tussen ouders.