ECLI:NL:GHDHA:2020:801
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- E.A. Mink
- A.A.F. Donders
- M. Th. Linsen-Penning de Vries
- Rechtspraak.nl
Erkenning rechtsgeldig huwelijk en inschrijving huwelijksakte in registers burgerlijke stand
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of een in Indonesië gesloten religieus huwelijk tussen de man en de vrouw rechtsgeldig was en of dit huwelijk kon worden ingeschreven in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand. De verzoeksters, vrouw en dochter, stelden dat het huwelijk rechtsgeldig was en vroegen het hof dit voor recht te verklaren en de inschrijving te gelasten.
De rechtbank had eerder het verzoek afgewezen en een DNA-onderzoek bevolen om het vaderschap van de man vast te stellen. Het hof nam kennis van aanvullende stukken, waaronder originele huwelijksboekjes en een verklaring van het Indonesische Ministerie van Godsdienst waarin correcties op de naam en geboortedatum van de man werden bevestigd. Tevens was het vaderschap van de man over de dochter inmiddels vastgesteld via DNA-onderzoek.
Het hof oordeelde dat het huwelijk in Indonesië rechtsgeldig was gesloten en erkend moet worden volgens artikel 10:31 BW Pro. De inschrijving van een verklaring voor recht is niet mogelijk, maar het hof gelastte de inschrijving van het huwelijksboekje in de Nederlandse registers. Het verzoek om het vaderschap via inschrijving te regelen werd afgewezen. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het beroep van de verzoeksters werd deels toegewezen.
Uitkomst: Het hof verklaart het huwelijk rechtsgeldig en gelast inschrijving van het huwelijksboekje in de registers van de burgerlijke stand.