ECLI:NL:GHDHA:2021:1352
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- A.C. Olland
- K.M. Braun
- A.A.F. Donders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voorlopige omgangsregeling in afwachting bodemprocedure na geschil over zorgregeling
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis waarin de vader werd veroordeeld tot nakoming van een zorgregeling voor omgang met hun minderjarige kinderen. De kinderen hebben hun hoofdverblijfplaats bij de moeder. De zorgregeling bepaalt dat de kinderen om de week van woensdag na school tot donderdag bij de vader zijn, inclusief een verdeling van vakanties en feestdagen.
De moeder vordert nakoming van de volledige zorgregeling, inclusief overnachtingen en vakanties, en een dwangsom bij niet-nakoming. De vader voert verweer en stelt dat door zijn woonsituatie en de zorg voor zijn hulpbehoevende moeder structurele overnachtingen niet mogelijk zijn, en dat een flexibele regeling in het belang van de kinderen is.
Het hof constateert dat er een bodemprocedure loopt waarin een raadsonderzoek is gelast om de zorgregeling te evalueren. Gezien het lopende onderzoek en het belang van stabiliteit voor de kinderen handhaaft het hof de voorlopige omgangsregeling zoals vastgesteld in het kort geding en wijst de vorderingen van de moeder af. De kosten van het hoger beroep worden tussen partijen gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van de moeder af en handhaaft de voorlopige omgangsregeling in afwachting van de bodemprocedure.