Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 14 september 2021
appellante,
hierna te noemen: de vrouw,
geïntimeerde,
hierna te noemen: de man,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
woning, als volgt vast te stellen:
verplichting van de man de helft van de overwaarde (na aflossing van de
hypotheekschuld en voldoening van de op de overdracht rustende kosten) aan de
vrouw te voldoen, ingeval de man binnen een maand na het te wijzen arrest de
hypotheekschuld overneemt met ontslag van de vrouw uit de hoofdelijke
aansprakelijkheid; dan wel
hypotheekschuld niet binnen een maand na het te wijzen arrest kan overnemen met
ontslag van de vrouw uit de hoofdelijke aansprakelijkheid en voldoening van de
helft van de overwaarde aan de vrouw;
op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag en met een maximum van € 50.000,-
althans een door het hof in goede justitie te bepalen dwangsom en te stellen maximum;
van het aandeel van de vrouw aan de man dan wel aan de verkoop en levering aan
een derde;
aan de verkoopovereenkomst en/of de overdrachtsakte met een derde;
notariële levering van de woning aan een derde;
van deze verdeling, te voldoen;