ECLI:NL:GHDHA:2021:2864

Gerechtshof Den Haag

Datum uitspraak
3 november 2021
Publicatiedatum
29 juli 2022
Zaaknummer
22-000555-21.a
Instantie
Gerechtshof Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Nietig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36e Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietigverklaring dagvaarding in hoger beroep wegens onjuiste betekening

In deze strafzaak is de verdachte in eerste aanleg veroordeeld tot een taakstraf van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis. Tegen dit vonnis is hoger beroep ingesteld. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 3 november 2021 bleek dat de dagvaarding niet rechtsgeldig was betekend aan de verdachte. De dagvaarding was verzonden naar een adres waar de verdachte op het moment van betekening niet stond ingeschreven, terwijl volgens de Basisregistratie Personen een ander adres correct was.

Omdat de verdachte niet op de terechtzitting in hoger beroep verscheen en de dagvaarding niet aan de wettelijke eisen voldeed, verklaarde het hof de dagvaarding nietig. Hierdoor kon de zaak in hoger beroep niet inhoudelijk worden behandeld.

Het arrest werd uitgesproken door het meervoudig hof van Den Haag, waarbij de griffier niet kon medeondertekenen. De beslissing benadrukt het belang van correcte betekening conform artikel 36e van het Wetboek van Strafvordering om de rechtsgeldigheid van het proces te waarborgen.

Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep is nietig verklaard wegens onjuiste betekening.

Uitspraak

Rolnummer: 22-000555-21
Parketnummer: 10-690250-13
Datum uitspraak: 3 november 2021
VERSTEK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 19 november 2014 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte]

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977,
adres: [woonadres] te [woonplaats] ([land]).
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 100 uren subsidiair 50 dagen hechtenis. Voorts is een beslissing genomen omtrent de vordering van de benadeelde partij, zoals omschreven in het vonnis waarvan beroep.
Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Geldigheid van de dagvaarding in hoger beroep
Ter terechtzitting in hoger beroep van 3 november 2021 is gebleken dat de betekening van de dagvaarding van de verdachte om op die terechtzitting te verschijnen, niet heeft plaatsgevonden overeenkomstig de voorschriften van artikel 36e van het Wetboek van Strafvordering. De dagvaarding is immers op 14 september 2021 uitgegaan aan de verdachte als wonende te [woonadres] te [woonplaats] ([land]), terwijl volgens een overzicht van de gegevens uit de Basisregistratie Personen van 8 september 2021 de verdachte op die datum ingeschreven stond op het adres [adres 1] te [plaats] ([land]).
Daarom dient die dagvaarding, nu de verdachte niet ter terechtzitting in hoger beroep is verschenen, nietig te worden verklaard.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door mr. A.L. Frenkel, mr. F.W. van Lottum en mr. R. van der Hoeven, in bijzijn van de griffier mr. F.A. Janse.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 3 november 2021.
De griffier is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.