Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 26 januari 2021
[appellant], h.o.d.n. [handelsnaam],
Stedin Netbeheer B.V.,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
laakbaarheidaan opzet grenzende schuld” (HR 12 maart 1954, ECLI:NL:HR:1954:9, Codam/Merwede, cursivering toegevoegd). Verder karakteriseert de Hoge Raad in het door [appellant] genoemde arrest van 5 september 2008 (rov. 6) bewust roekeloos handelen als het “zich welbewust op
zodanig onzorgvuldige wijze” jegens de wederpartij gedragen “dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn indien zij zich op de exoneratieclausule zou mogen beroepen” (cursivering toegevoegd).