ECLI:NL:GHDHA:2021:860
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- P.B. Kamminga
- C.M. Warnaar
- E.C. Punselie
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis ontruiming en gebruiksvergoeding woning na verbreking samenleving
Partijen hadden een affectieve relatie en samen twee minderjarige kinderen met een co-ouderschapsregeling. Na verbreking van hun relatie ontstond een geschil over het verblijf van de man in de woning die eigendom is van de vrouw. Partijen maakten in februari en maart 2020 afspraken waarbij de man de economische eigendom van de woning zou krijgen, mits hij de lasten zou betalen.
De rechtbank wees de vorderingen van de vrouw af, maar legde vast dat de man de hypotheeklasten en verzekeringen moest betalen. De vrouw kwam in hoger beroep met vier grieven, waaronder ontruiming en betaling gebruiksvergoeding. Het hof oordeelt dat de man op grond van de afspraken aanspraak heeft op verblijf en dat ontruiming niet gerechtvaardigd is zolang de man de lasten betaalt.
Ook de vordering tot betaling van een hogere gebruiksvergoeding dan de hypotheeklasten wordt afgewezen. De rechtbankbeslissing wordt bekrachtigd en partijen dragen ieder hun eigen kosten. Het lopende bodemgeschil over de woningafwikkeling blijft buiten beschouwing.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de man niet hoeft te worden ontruimd en de gebruiksvergoeding beperkt blijft tot de hypotheeklasten.