Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
[naam] zijn geboren:
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
.
Gerechtshof Den Haag
Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank Den Haag die het gezag van de moeder over haar drie minderjarige kinderen beëindigde en benoemde tot voogd de gecertificeerde instelling. De moeder was ondanks uithuisplaatsingen een stabiele factor en had intensief contact met de kinderen. De minderjarigen hechten er zwaar aan dat hun moeder haar gezag behoudt.
De rechtbank had het gezag beëindigd omdat de moeder niet binnen een aanvaardbare termijn de verzorging en opvoeding kon bieden en de ontwikkeling van de kinderen ernstig werd bedreigd. De moeder betoogde dat beëindiging een disproportionele inbreuk op haar recht op gezinsleven vormt en dat zij met hulp haar rol kan vervullen.
Het hof oordeelt dat beëindiging niet noodzakelijk is omdat de moeder een centrale rol blijft spelen, de omgang goed verloopt en de kinderen duidelijkheid hebben over hun woonplaats. Het verzoek van de raad tot beëindiging wordt afgewezen en het gezag van de moeder herleeft. Het subsidiaire verzoek om een contra-expertise wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beschikking tot beëindiging van het gezag en herleeft het ouderlijk gezag van de moeder over haar drie minderjarige kinderen.