Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 23 augustus 2022
[appellant],
[geïntimeerde],
Het geding
- de appeldagvaarding, aan de vrouw betekend op 11 januari 2022, waarbij de man in hoger beroep komt van het vonnis van de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam van 21 december 2021, hierna: het bestreden vonnis, en een incidentele vordering tot schorsing van de werking van het bestreden vonnis heeft ingesteld;
- het procesdossier uit de eerste aanleg;
- de producties H tot en met K die bij de appeldagvaarding zijn overgelegd;
- de memorie van antwoord, tevens incidentele antwoordconclusie van de vrouw.
Korte weergave van de zaak
- de man veroordeeld om binnen twee maanden na betekening van het bestreden vonnis zijn medewerking te verlenen aan het verstrekken van een opdracht tot bemiddeling aan Plek Makelaardij met betrekking tot de verkoop van de woning aan (een) derde(n);
- de man veroordeeld om vervolgens zijn volledige medewerking te verlenen aan de verkoop en levering van de woning tegen een zo hoog mogelijke opbrengst, een en ander te bepalen door de desbetreffende makelaar, met inachtneming van het uitgangspunt dat de woning niet voor 1 juli 2022 en niet na 1 september 2022 geleverd wordt aan (een) derde(n);
- de man bevolen aan de makelaar en/of (een) geïnteresseerde koper(s) in het kader van de verkoop van de woning direct na totstandkoming van de onder het eerste liggende streepje bedoelde opdracht na voorafgaande aankondiging uiterlijk drie dagen tevoren vrijelijk toegang te verlenen tot de woning;
- de man veroordeeld om de woning uiterlijk een week voor de levering leeg, ontruimd en in goede staat achter te laten en niet verder te betreden;
- bepaald dat, indien de man niet tijdig voldoet aan wat hiervoor in het derde liggende streepje is weergegeven, hij een dwangsom is verschuldigd van € 500,- per dag tot een maximum van € 25.000,- is bereikt;
- bepaald dat, indien de man niet tijdig voldoet aan wat is bepaald in het hiervoor weergegeven eerste en tweede liggende streepje, het bestreden vonnis op de voet van het bepaalde in artikel 3:300 lid 2 Burgerlijk Pro Wetboek (BW) in de plaats treedt van het deel van de schriftelijke bemiddelingsovereenkomst, de schriftelijke koopovereenkomst of de notariële akte van levering, waaruit moet blijken van de wilsverklaring van de man dat hij opdracht geeft tot bemiddeling, de woning (mede) verkoopt c.q. (mede) levert aan de koper(s);
- het vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaard;
- de proceskosten tussen partijen gecompenseerd;
- het meer of anders gevorderde afgewezen.