Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.[eiser 1],
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop
- de dagvaarding van 25 januari 2021 van [eisers] waarbij Heijmans is gedagvaard voor de rechtbank Oost-Brabant (hierna: de rechtbank);
- de akte overleggen producties, met producties, van [eisers];
- de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid van Heijmans;
- de conclusie van antwoord in het incident, met producties, van [eisers];
- het vonnis in incident van 7 juli 2021 van de rechtbank, waarbij de zaak op grond van artikel 73 Wetboek Pro van Burgerlijke rechtsvordering (hierna: Rv) is verwezen naar dit hof;
- het exploot van oproeping van 28 juli 2021 van [eisers] ten behoeve van de hervatting van de procedure ten overstaan van dit hof;
- de akte inbreng procesdossier, met producties, van [eisers];
- de memorie van antwoord, met producties, van Heijmans;
- de conclusie van repliek van [eisers];
- de memorie van dupliek van Heijmans.
3.Feitelijke achtergrond
4.De vordering
5.Beoordeling
Arbitrage of bindend advies?
“Mocht u zich toch niet kunnen verenigen met de uitspraak van de commissie dan kunt u nog wél een beroep doen op de burgerlijke rechter. De rechter zal dan toetsen of de uitspraak juist (tot stand gekomen) is.”Het hof kan slechts toetsen of zich een van de twee door [eisers] aangevoerde vernietigingsgronden voordoet. Het hof zal het beroep op deze gronden hierna beoordelen.
niette onderkennen valt. Dat is niet zo. Naar het oordeel van het hof is de motivering van de Geschillencommissie voldoende steekhoudend. Het hof licht dit hierna toe.
6.Beslissing
a.m.Voorwinden en A.J. Swelheim en in het openbaar uitgesproken op 25 oktober 2022 in aanwezigheid van de griffier.