ECLI:NL:GHDHA:2022:2594
Gerechtshof Den Haag
- Verzet
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- I. Reijngoud
- T.A. de Hek
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van verzet wegens te late indiening in bestuursrechtelijke belastingzaak
Belanghebbende heeft verzet aangetekend tegen een eerdere uitspraak van het Hof na vereenvoudigde behandeling, waarin het hoger beroep niet-ontvankelijk was verklaard. De verzetschrift is ingediend op 29 augustus 2022, terwijl de termijn voor indiening zes weken bedroeg en eindigde op 21 juli 2022.
Het Hof heeft beoordeeld dat het verzetschrift niet tijdig is ingediend, aangezien het niet binnen een week na afloop van de termijn was ontvangen. Belanghebbende heeft omstandigheden aangevoerd zoals het overlijden van familieleden en eigen gezondheidsproblemen om de termijnoverschrijding te verontschuldigen.
Deze omstandigheden zijn echter onvoldoende om te concluderen dat belanghebbende niet in verzuim was. Het Hof oordeelt dat belanghebbende geen aannemelijk bewijs heeft geleverd dat hij fysiek niet in staat was tijdig een verzetschrift in te dienen en dat hij geen passende maatregelen heeft genomen om tijdige indiening te waarborgen.
Daarom verklaart het Hof het verzet niet-ontvankelijk en ziet af van een proceskostenveroordeling. De uitspraak is op 13 december 2022 in het openbaar gedaan door het Gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige indiening en niet-verschoonbare termijnoverschrijding.