ECLI:NL:GHDHA:2022:3026
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging veroordeling voor hennepteelt en illegale elektriciteitsafname in Rotterdam
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor het opzettelijk telen, bereiden en aanwezig hebben van circa 486 hennepplanten in een pand te Rotterdam, het wederrechtelijk wegnemen van elektriciteit van Stedin Netbeheer B.V. door middel van braak en het vernielen van elektriciteitswerk in hetzelfde pand.
De politierechter veroordeelde verdachte tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden met een proeftijd van 3 jaar en een taakstraf van 120 uur, te vervangen door 120 dagen hechtenis. Tegen dit vonnis stelde verdachte hoger beroep in.
Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd en het beroep van verdachte verworpen. Het hof oordeelde dat de strafzaak tegen verdachte niet vergelijkbaar is met de geseponeerde zaak tegen een medeverdachte en dat het gelijkheidsbeginsel en het verbod van willekeur niet zijn geschonden. Ook het argument dat verdachte slechts pakketjes voor de medeverdachte ophaalde, deed niet af aan de bewezenverklaring. Het hof concludeerde dat de tenlasteleggingen bewezen zijn en bevestigde het vonnis.
De strafzaak betrof ernstige feiten van hennepteelt en diefstal van elektriciteit door illegale aansluitingen en vernieling van elektriciteitsvoorzieningen, waarbij het hof de eerdere strafoplegging passend achtte.
Het arrest is gewezen door mr. N. Schaar, Mr. E.F. Lagerwerf-Vergunst en mr. G.C. Haverkate op 6 oktober 2022.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis van de politierechter en veroordeelt verdachte voor hennepteelt, elektriciteitsdiefstal en vernieling.