Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 5 september 2023
in de zaak van:
Stichting Administratiekantoor EBI,
Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep
De verdere beoordeling van het hoger beroep
E-mailbericht d.d. 5 april 2016 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6] en [geïntimeerde 1]:
Hi [geïntimeerde 6] ,Could you please inform us how much we have on the stichting account.
“
Hi [projectontwikkelaar] ,
Goodmorning [projectontwikkelaar] ,
WhatsApp d.d. 23 februari 2017 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6]:
Hoi [geïntimeerde 6]Als je momentje hebt, zou je naar email van vorige week kunnen kijkenMet nummersWaarin we Nl uit matchen met Brasil inDank je”.
Hoi [projectontwikkelaar] , moest nog werk inhalen van vorige week.Maar ben er mee bezig.Moet nog even alle kosten enzo er uit halen en het investeringsfonds zodat ik een goed antwoord kan geven”.
E-mailbericht d.d. 27 juli 2017 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6]:
Hi [geïntimeerde 6] ,
Hi [projectontwikkelaar] ,
E-mailbericht van 23 november 2017 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6] en [geïntimeerde 1] :“
Hallo [geïntimeerde 6]Het bedrijf social housing moet 31-11 haar maandelijkse betaling doen en we moeten de hypotheek betalen.
E-mailbericht d.d. 8 januari 2018 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6]:
Dear [geïntimeerde 6] ,
E-mailbericht d.d. 7 februari 2018 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6]:
Hoi [geïntimeerde 6] ,
E-mailbericht d.d. 10 maart 2018 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6]:
Hallo [geïntimeerde 6] ,
E-mailbericht d.d. 6 april 2018 van [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 1] met kopie aan [geïntimeerde 6]:
“
Dear [geïntimeerde 1] ,Please coordinate on Monday with [geïntimeerde 6] the values available in Holland for the three companies. We need to finetune the investment strategy.”
Giselle, please check the value which has been received by EBI AFF so far.
Goedemorgen [projectontwikkelaar] ,
Hey [geïntimeerde 6] , fijn.Ja. Ik denk dat gewoon het makkelijkste een of ander protocol kunnen opstellen.Kijk er zijn heel veel dingen die, die niet urgent zijn, maar nu staat er bijvoorbeeld 1,8 miljoen euro staat iets bij jullie als ik het goed begrijp uit, uit mijn calculaties.
De door Stichting EBI (als producties 43, 45, 46 en 49 t/m 51) overgelegde overzichten van betalingen van Stichting EBI aan de aan [geïntimeerde 1] gelieerde partijen AAA, Qwestland, Brandt, EIA, Star Board en Ace, en de (als productie 124) overgelegde bankafschriften van de bankrekening van Stichting EBI tonen dat:
- de betalingen aan Qwestland door Stichting EBI hebben plaatsgevonden (in zeventig (70) overboekingen) in de periode van 14 juli 2016 tot en met 9 april 2018 voor een totaalbedrag van € 1.537.000,- (rov. 2.13 van het tussenarrest; productie 45);
- de betalingen aan AAA door Stichting EBI hebben plaatsgevonden in de periode van 11 januari 2016 tot en met 3 augustus 2016 voor een totaalbedrag van € 103.500,- (rov. 2.12 van het tussenarrest; productie 43);
- een eenmalige betaling aan Brandt van € 25.000,- door Stichting EBI heeft plaatsgevonden op 14 september 2016 (rov. 2.14 van het tussenarrest; productie 46);
- de betalingen aan EIA door Stichting EBI hebben plaatsgevonden op 9 januari 2017 en 17 oktober 2017 voor een (netto) totaalbedrag van € 28.500,- (rov. 2.15 van het tussenarrest en productie 49);
- een eenmalige betaling aan Star Board van € 30.000,- door Stichting EBI heeft plaatsgevonden op 6 april 2017 (rov. 2.16 van het tussenarrest; productie 50);
- een eenmalige betaling aan Ace van € 10.000,- door Stichting EBI heeft plaatsgevonden op 26 juni 2017 (rov. 2.17 van het tussenarrest; productie 51).
Ik was vanaf begin 2015 werkzaam voor AAA in de functie van office-manager. Mijn werkzaamheden voor Stichting EBI waren secretarieel. Ik moest in een Excel-bestand de obligatiehouders bijhouden. De heer [bestuurder] stuurde mij een formulier met de gegevens. De heer [bestuurder] stuurde vervolgens een declaratie met betrekking tot provisie voor het aantrekken van die obligatiehouders. Ik checkte of de betalingen van de obligatiehouders waren binnengekomen. En ik maakte gelden over naar Brazilië in opdracht van de heer [projectontwikkelaar] en na goedkeuring van mijn vader. Zij hadden daar samen overleg over gehad.
Bij AAA had ik zowel met [geïntimeerde 1] als met [geïntimeerde 6] contact over Stichting EBI.
Mijn aanspreekpunt bij AAA voor Stichting EBI was [geïntimeerde 6] . Dat ging met
- Er was vanaf 2016 zeer regelmatig contact via e-mail, telefoon, WhatsApp of fysiek tussen [geïntimeerde 6] enerzijds en [projectontwikkelaar] en/of [bestuurder] anderzijds over betalingen aan en/of door Stichting EBI.
- [geïntimeerde 6] was, net als [geïntimeerde 1] , gemachtigd tot de bankrekening van Stichting EBI en had uit dien hoofde inzage in het saldo en de inkomende en uitgaande betalingen op de bankrekening van Stichting EBI.
- [geïntimeerde 6] checkte op zeer regelmatige basis de inkomende betalingen van investeerders op de bankrekening van Stichting EBI en bevestigde deze aan [bestuurder] via e-mail of WhatsApp.
- [geïntimeerde 6] maakte de overboekingen naar Brazilië van de bankrekening van Stichting EBI op verzoek van [projectontwikkelaar] en/of na overleg met [geïntimeerde 1] .
- Bewijzen van betalingen stuurde [geïntimeerde 6] in de vorm van een printscreen van de betreffende overschrijvingen op het (online) bankafschrift van de bankrekening bij ING van Stichting EBI naar [projectontwikkelaar] en/of [bestuurder] .
- [geïntimeerde 6] wist dat de gelden op de bankrekening van Stichting EBI enkel bestemd waren voor
- [geïntimeerde 6] was bestuurder van StakSocialHousing en StakLand, en wist dat de gelden van de certificaathouders van deze stichtingen ook door Stichting EBI werden beheerd en dat deze gelden ook bestemd waren en desgevraagd door Stichting EBI uitbetaald werden ter uitvoering van projecten in Brazilië.
- [geïntimeerde 6] was met [geïntimeerde 1] aanwezig bij informatiebijeenkomsten voor (potentiële) investeerders, waar zij met investeerders sprak en hen werd voorgehouden dat hun ingelegde gelden veilig en professioneel beheerd werden door Stichting EBI.
- [geïntimeerde 6] reageerde tot oktober 2017 vrijwel meteen, of in ieder geval binnen enkele dagen, op saldo- en betalingsverzoeken van [projectontwikkelaar] .
- Begin augustus 2017 heeft [geïntimeerde 6] naar aanleiding van een verzoek daartoe van [projectontwikkelaar] per e-mail van 27 juli 2017 aan hem bericht dat het bedrag op de bankrekening van Stichting EBI niet klopte met zijn berekening en heeft zij hem laten weten dit verder uit te zoeken.
- Op 30 oktober 2017 heeft [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6] tijdens een telefoongesprek gevraagd of het klopt dat er € 1.800.000,- op de bankrekening van Stichting EBI uitstaat. Op dezelfde dag is een bedrag van € 30.000,- door Stichting EBI overgemaakt naar Qwestland.
- Na oktober 2017 heeft [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6] (en aan [geïntimeerde 1] ) herhaaldelijk gevraagd naar het saldo op de bankrekening van Stichting EBI, maar [geïntimeerde 6] noch [geïntimeerde 1] heeft sindsdien gereageerd op diens saldoverzoeken.
- [geïntimeerde 6] had een (indirect) belang in Qwestland, dat zij op verzoek van [geïntimeerde 1] had genomen voor het geval er verdiend zou worden in Qwestland.
- Vanaf de bankrekening van Stichting EBI is in de periode van 14 juli 2016 tot en met 9 april 2018 (in tientallen overboekingen) een bedrag van in totaal € 1.537.000,- overgemaakt naar de bankrekening van Qwestland. Achtentwintig (28) overboekingen voor een totaalbedrag van € 402.500,- hebben na 30 oktober 2017 plaatsgevonden.
- Na 30 oktober 2017 zijn door Stichting EBI geen gelden (meer) overgemaakt aan de andere aan [geïntimeerde 1] gelieerde partijen (AAA, Ace, EIA, Star Board).
- [geïntimeerde 6] was gemachtigd tot de bankrekening van Qwestland en had uit dien hoofde inzage in inkomende en uitgaande betalingen op die bankrekening.
- [geïntimeerde 6] wist dat [geïntimeerde 1] druk bezig was met een transactie betreffende Qwestland (de PIF-transactie) die op 1 juli 2018 afgerond zou worden, waarmee veel geld verdiend zou worden.
- Op 10 april 2018 is de bankrekening van Stichting EBI door ING geblokkeerd.
Bij AAA had ik zowel met [geïntimeerde 1] als met [geïntimeerde 6] contact over Stichting EBI. Voor wat betreft de heer [geïntimeerde 1] was dat meer op strategisch niveau en met [geïntimeerde 6] had ik contact over de dagelijkse gang van zaken per telefoon, whatsapp en e-mails. Dat was al zo vanaf de oprichting van Stichting EBI in 2015. [geïntimeerde 6] voerde ook alle transfers uit richting Brazilië.(…) [geïntimeerde 6] heeft zelfstandig bedragen overgeboekt naar Brazilië als ik daarvoor opdracht gaf. Ik weet niet of zij daarover eerst overleg had met [geïntimeerde 1] , maar zij handelde altijd meteen als ik daar om vroeg.” [bestuurder] heeft hierover in het bijzonder verklaard: “
Mijn aanspreekpunt bij AAA voor Stichting EBI was [geïntimeerde 6] . Dat ging met name over de geldstromen van de investeerders die gelden stortten op de bankrekening van Stichting EBI. (…) [geïntimeerde 6] checkte of de betalingen binnen waren van de investeerders en verzorgde vervolgens de registratie in het register. (…) Ik had bijna dagelijks contact met [geïntimeerde 6] via e-mail, telefoon, whatsapp of fysiek over de inschrijvingen van de investeerders in de periode 2015 tot medio 2018 (…) Bij mijn weten betaalde [geïntimeerde 6] zelfstandig de facturen van EBI Holland en naar Brazilië zonder overleg met haar vader. Zij was gemachtigd om zelfstandig betalingen te doen. Ik was ook aanwezig bij de investeerdersbijeenkomsten (…). [geïntimeerde 6] en haar vader waren daar aanwezig als vertegenwoordigers van Stichting EBI. Tijdens deze bijeenkomst werd aan investeerders voorgehouden dat het geld beheerd zou worden door een onafhankelijke stichting ter zekerheidsstelling van de ingelegde gelden van de investeerders en ter controle dat de gelden werden bestemd voor de projecten in Brazilië. (…) Verder waren er investeerders met wie ook [geïntimeerde 6] in gesprek ging. [geïntimeerde 6] was daar ook als bestuurder van StakSocial en StakLand aanwezig. Deze laatste twee investeringsfondsen zijn eind 2016 gevormd en gelanceerd. Omdat er nog geen bankrekening geopend kon worden is [geïntimeerde 6] gemachtigd tot de bankrekening van Stichting EBI waarop de gelden van de certificaathouders werden gestort. Dit was ook in het kader van het vierogen-principe zodat zij controle kon houden op het beheer van die gelden.” Voornoemde rol van [geïntimeerde 6] vindt ook bevestiging in haar eigen verklaring (proces-verbaal getuigenverhoor d.d. 24 november 2022, zie 10. hiervoor): “
Ik checkte of de betalingen van de obligatiehouders waren binnengekomen. (…) Ik heb gelden overgemaakt vanaf de rekening van Stichting EBI naar Brazilië. Ook zijn er overboekingen gedaan naar EBI Holland B.V. voor de provisie van de heer [bestuurder] . (…) Ik ben ook aanwezig geweest bij informatiebijeenkomsten voor investeerders. (…) De overboekingen vanaf de bankrekening van Stichting EBI deed ik altijd in opdracht van de heer [geïntimeerde 1] en/of [projectontwikkelaar] . Ik was de enige die betalingen deed vanaf de bankrekening van Stichting EBI naar Brazilië.”
Please let me know (…) the funds on the escrow account. Check check”, waarop [geïntimeerde 6] reageerde: “
The euro’s who are still on the account is not correct but I have to look up what is the right amount.” [projectontwikkelaar] heeft hierover in het bijzonder verklaard (proces-verbaal getuigenverhoor d.d. 24 november 2022, zie 11. hiervoor): “
In oktober 2017 heb ik met de heer [bestuurder] een berekening gemaakt hoeveel er naar Brazilië is overgemaakt waaruit is gebleken dat er nog €1.800.000,- op de bankrekening van Stichting EBI moest staan. Ik heb daarover contact opgenomen met [geïntimeerde 6] om na te gaan of dit bedrag klopt (….). We hebben toen een Excel -sheet gemaakt met de bedragen die op de rekening van Stichting EBI zouden moeten staan vanuit de verschillende fondsen en hebben aan [geïntimeerde 6] gevraagd om dat te checken.” Het hof gaat dan ook voorbij aan de verklaring van [geïntimeerde 6] dat het niet haar taak was om te kijken wat het saldo op de bankrekening van Stichting EBI was. Dit strookt niet met de uit voornoemde correspondentie en getuigenverklaring van [projectontwikkelaar] blijkende werkverhouding die tussen [projectontwikkelaar] en [geïntimeerde 6] bestond.
The euro’s who are still on the account is not correct but I have to look up what is the right amount.” Gelet op de op dat moment reeds gedane onttrekkingen van grote geldbedragen vanaf de bankrekening van Stichting EBI heeft zij toen moeten constateren dat er minder geld op de bankrekening van Stichting EBI stond dan er volgens de berekening van [projectontwikkelaar] op had moeten staan. Voor zover dit toen al niet vragen bij [geïntimeerde 6] heeft opgeroepen, had zij in ieder geval na 30 oktober 2017 – toen [projectontwikkelaar] haar expliciet confronteerde met zijn calculaties dat er op dat moment € 1,8 miljoen uit moest staan (“
nu staat er bijvoorbeeld 1,8 miljoen euro staat iets bij jullie als ik het goed begrijp uit, uit mijn calculaties”) – zich ervan bewust moeten zijn geweest dat er substantiële bedragen ontbraken op de bankrekening van Stichting EBI.
Er zijn elf contactmomenten geweest vanaf oktober 2017. [geïntimeerde 1] zat heel veel in het buitenland. Alles verliep via [geïntimeerde 6] . Dat verliep in het begin ook goed, maar zij antwoordde vanaf oktober 2017 ook niet meer.” Dat [geïntimeerde 6] ervan uitging dat haar vader hierover wel contact zou hebben met [projectontwikkelaar] , zoals zij heeft verklaard, acht het hof onbegrijpelijk en ongeloofwaardig aangezien deze verzoeken expliciet aan haar waren gericht en het gebruikelijk was dat [geïntimeerde 6] op deze verzoeken van [projectontwikkelaar] reageerde. Deze veronderstelling van [geïntimeerde 6] valt ook moeilijk te rijmen met wat zij heeft verklaard over de reden waarom zij, toen [projectontwikkelaar] haar dat (telefonisch) vroeg, niet heeft gecheckt of er nog € 1.800.000,- op de rekening stond (proces-verbaal getuigenverhoor d.d. 24 november 2022, 10. hiervoor): “
Dat heb ik niet gedaan. Ik moest daarvoor doorklikken. Ik ben daar niet aan toegekomen. Het was ook druk. Ik weet niet of ik het aan mijn vader heb gevraagd”
.
een lijst van binnenkomende en uitgaande betalingen, net als de afschriften die als productie 124 zijn overgelegd” zag, zodat ervan kan worden uitgegaan dat óók de uitgaande betalingen en het saldo voor [geïntimeerde 6] zichtbaar waren als zij gebruik maakte van het online bankierensysteem. Uit de door Stichting EBI (als producties 120 en 121) overgelegde correspondentie tussen [geïntimeerde 6] , [projectontwikkelaar] en [bestuurder] blijkt verder dat [geïntimeerde 6] printscreens van inkomende én uitgaande overboekingen op het (online) bankafschrift van Stichting EBI aan [bestuurder] respectievelijk [projectontwikkelaar] stuurde als bewijs van de door investeerders gedane stortingen en van de door haar gedane betalingen aan EBI in Brazilië. Dat de (andere) uitgaande betalingen daarbij buiten het gezichtsveld van [geïntimeerde 6] bleven, acht het hof niet aannemelijk, temeer niet omdat zij, zoals zij heeft verklaard, “
de enige[was]
die betalingen deed vanaf de bankrekening van Stichting EBI naar Brazilië” en de ontvanger van die gelden, Qwestland, een voor [geïntimeerde 6] bekende partij was.
Vanuit AAA deed ik wel secretariële ondersteuning, waaronder het ontvangen van mensen. Qwestland was in hetzelfde pand gevestigd als AAA”. Vast staat dat [geïntimeerde 6] tevens gemachtigd was tot de bankrekening van Qwestland. Uit het door Stichting EBI (als productie 126) overgelegde machtigingsformulier van ING blijkt dat deze machtiging is ingegaan op 18 januari 2017; daarmee was [geïntimeerde 6] vanaf dat moment zelfstandig bevoegd om betalingen van de bankrekening van Qwestland in te zien en te verrichten. In het licht hiervan hadden de (meerdere, achtereenvolgende) overmakingen van substantiële bedragen aan Qwestland vanaf de bankrekening van Stichting EBI niet aan haar aandacht kunnen ontsnappen, althans had dit vragen bij haar moeten oproepen, temeer omdat zij wist – zoals zij heeft verklaard – dat de bedragen die door Stichting EBI werden beheerd, enkel bestemd waren voor (
housing) projecten in Brazilië.
housingprojecten in Brazilië, zoals zij zelf heeft verklaard (proces-verbaal getuigenverhoor d.d. 24 november 2022, 10. hiervoor). Dat zonder de geïnvesteerde gelden op de bankrekening van Stichting EBI de projecten in Zuid-Amerika stil zouden komen te liggen en er geen rendement behaald zou kunnen worden, benodigd om de investeerders op termijn terug te kunnen betalen, was [geïntimeerde 6] bekend. Zo heeft [projectontwikkelaar] in het gesprek op 30 oktober 2017 (zie 8. hiervoor) aan [geïntimeerde 6] laten weten dat “
het geld moet goed komen, we, hebben, we moeten een bepaald contract van social housing, dat moet vandaag getekend worden en we hebben nog net genoeg geld hier (…) Want uiteindelijk moeten we de investeerders, moeten we, blij maken. Ja?.” En op 23 november 2017 schreef [projectontwikkelaar] aan [geïntimeerde 6] dat “
Het bedrijf social housing moet 31-11 haar maandelijkse betaling doen en we moeten de hypotheek betalen. Graag t/m 27 november een transfer doen van social housing om aan onze betalingsverplichtingen en zekerheidsstelling (hypotheek) te kunnen voldoen. De voortgang van bouw en verkoop is op schema. We genieten op dit moment van een uitstekende relatie met escol en wil deze absoluut niet te grabbel gooien door te late betalingen waardoor de bouw stil komt te vallen en alle kosten vandien.” Deze wetenschap van de kans op het toebrengen van schade aan Stichting EBI had [geïntimeerde 6] moeten weerhouden van haar deelname aan het onrechtmatige handelen in groepsverband met [geïntimeerde 1] .
Beslissing
in principaal hoger beroep
- veroordeelt [geïntimeerde 6] hoofdelijk i) tot betaling van schadevergoeding aan Stichting EBI, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, en ii), bij wege van voorschot, tot betaling van een bedrag van € 402.500,-;
- veroordeelt [geïntimeerde 6] tot terugbetaling aan Stichting EBI van hetgeen Stichting EBI ter uitvoering van het bestreden vonnis aan [geïntimeerde 6] heeft voldaan;
- veroordeelt [geïntimeerde 6] hoofdelijk in de kosten van het geding in eerste aanleg in conventie, aan de zijde van Stichting EBI tot op 25 maart 2020 begroot op een bedrag van € 30.000,-, met dien verstande dat [geïntimeerde 6] hoofdelijk verbonden is tot het bedrag van € 11.113,-;
- veroordeelt [geïntimeerde 6] in de kosten van het geding in principaal hoger beroep, aan de zijde van Stichting EBI tot op heden begroot op € 24.349,89;
- verklaart dit arrest ten aanzien van deze veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
in incidenteel hoger beroep
- heft op de door Stichting EBI ten laste van [geïntimeerde 4] , [geïntimeerde 5] en NGES gelegde beslagen, zoals nader aangeduid in rov. 35;
- compenseert de kosten van het geding in incidenteel hoger beroep, in de zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;
in principaal en incidenteel hoger beroep
- bekrachtigt het vonnis voor het overige;
- wijst af het meer of anders gevorderde.