Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
ten aanzien van de proeftijdvoor de duur van 1 jaar en de motivering daarvan en doet in zoverre opnieuw recht.
Gerechtshof Den Haag
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een taakstraf van 30 uur, met aftrek van voorarrest, subsidiair 14 dagen jeugddetentie en een voorwaardelijke jeugddetentie van twee weken met een proeftijd van één jaar. Tegen dit vonnis werd hoger beroep ingesteld.
De tenlastelegging betrof een poging tot diefstal van een jas, telefoon, portemonnee of tas, waarbij geweld of bedreiging met geweld werd gebruikt tegen twee benadeelde partijen. Het hof heeft het vonnis van de kinderrechter grotendeels bevestigd, maar vernietigde het onderdeel over de proeftijd en stelde deze vast op twee jaar vanwege het hoge recidiverisico.
Het hof erkent de geslaagde mediation tussen verdachte en een van de slachtoffers, waarbij de verdachte zijn verantwoordelijkheid heeft genomen en excuses heeft aangeboden. Deze mediation leidde echter niet tot strafvermindering, mede omdat de kinderrechter reeds milde straffen had opgelegd.
De vordering van een van de benadeelde partijen werd deels aangepast, maar het hof besloot de verlaging van € 100,00 niet mee te nemen vanwege procedurele redenen. Het vonnis is onder deze aanvullingen en correcties bevestigd.
De zaak toont het belang van een zorgvuldige afweging van straf en re-integratie, waarbij het hof een langere proeftijd passend acht om recidive te voorkomen.
Uitkomst: Het hof bevestigt de taakstraf en verlengt de proeftijd van de voorwaardelijke jeugddetentie tot twee jaar.