Partijen zijn gehuwd sinds 2002 en hebben een meerderjarige dochter met beperkingen. Na hun echtscheiding is een geschil ontstaan over de verdeling van de huwelijksgemeenschap en partneralimentatie.
De man vordert onder meer inzage in bankafschriften en opname van €69.082 in de verdeling. Het hof stelt vast dat €42.500 op de rekening van de vrouw tot de gemeenschap behoort, ondanks haar stelling dat het geld van haar ouders was. De vrouw moet €21.250 aan de man betalen. De man trekt zijn grief over €21.582 in. De vrouw krijgt de chihuahua's toegewezen zonder verrekening en het verzoek tot toedeling van schadevrije jaren wordt afgewezen.
De partneralimentatie wordt vastgesteld op €1.192 per maand tot 17 juni 2022 en €1.109 per maand daarna. Het hof houdt geen rekening met de inkomensdaling van de man omdat hij onvoldoende heeft aangetoond dat deze noodzakelijk was. De vrouw heeft nog steeds behoefte aan alimentatie vanwege haar zorg voor de dochter en haar beperkte arbeidsmogelijkheden.
De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd voor zover het hof anders beslist en het overige wordt afgewezen.