Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 3 juli 2023, waarmee [appellant] in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de rechtbank Den Haag van 5 april 2023;
- de memorie van grieven van [appellant], met bijlagen.
3.Feitelijke achtergrond
4.Procedure bij de rechtbank
5.Vordering in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
7.Beslissing
- veroordeelt [verweerster] in conventie om de beplanting (de wilde wingerd) te verwijderen en verwijderd te houden;
- veroordeelt [verweerster] in de kosten van de procedure voor de rechtbank in conventie en in reconventie, tot aan het vonnis van 5 april 2023 aan de kant van [appellant] begroot op € 448,36 aan verschotten en € 1.196,- aan salaris advocaat;
- bekrachtigt het vonnis in conventie en in reconventie voor het overige;
- veroordeelt [verweerster] in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van [appellant] tot op heden begroot op € 129,85 aan kosten dagvaarding, € 343,- aan griffierecht en € 2.428,- aan kosten advocaat, en op € 178,-- aan nasalaris voor de advocaat, nog te verhogen met € 92,-- indien niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan dit arrest is voldaan en vervolgens betekening van dit arrest heeft plaatsgevonden;
- verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad.