Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- een journaalbericht van de zijde van de man (met bijlagen) van 23 februari 2022, ingekomen op 25 februari 2022;
- een brief van de zijde van de man (met bijlagen) van 6 maart 2024, ingekomen op diezelfde datum;
- een brief van de zijde van de vrouw (met bijlagen) van 12 maart 2024, ingekomen op diezelfde datum;
- een brief van de zijde van de man (met bijlagen) van 12 maart 2024, ingekomen op diezelfde datum;
- een brief van de zijde van de man (met bijlagen) van 19 maart 2024, ingekomen op diezelfde datum;
- een journaalbericht van de zijde van de vrouw (met bijlage) van 20 maart 2024, ingekomen op diezelfde datum;
- een journaalbericht van de zijde van de man (met bijlage) van 21 maart 2024, ingekomen op diezelfde datum.
3.De feiten en de procedure in eerste aanleg
4.De omvang van het geschil in hoger beroep
- het verzoek van de vrouw tot vaststelling van de partneralimentatie met ingang van 1 januari 2024 alsnog af te wijzen en de partneralimentatie met ingang van 1 januari 2024 te bepalen op € 2.272,- bruto per maand;
- te bepalen dat de jaarlijkse wettelijke indexering ex artikel 1:402a BW wordt uitgesloten;
- te bepalen dat de man gerechtigd is de eventueel vanaf 1 januari 2024 teveel betaalde bijdrage in het levensonderhoud van de vrouw te verrekenen met toekomstige bijdragen in het levensonderhoud van de vrouw.