ECLI:NL:GHDHA:2024:2030
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- T.A. de Hek
- S.E. Postema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning op correcte gebruiksoppervlakte van 170 m2
Belanghebbende is eigenaar van een tussenwoning met een aanbouw en inpandige berging, gelegen op een perceel van circa 145 m2, gebouwd in 2020. De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde per 1 januari 2021 vast op € 688.000 voor het kalenderjaar 2022. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze beschikking, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in bij de Rechtbank Den Haag, die het beroep eveneens ongegrond verklaarde.
In hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag is in geschil of de waarde van de woning te hoog is vastgesteld en of belanghebbende recht heeft op een proceskostenvergoeding omdat de bouwtekeningen pas in hoger beroep werden overgelegd. Partijen namen ter zitting eensluidend het standpunt in dat de gebruiksoppervlakte 170 m2 bedraagt, waarmee de waarde niet te hoog is vastgesteld.
Het hof oordeelde dat belanghebbende geen recht heeft op proceskostenvergoeding omdat hij zelf over de bouwtekeningen had moeten beschikken en het standpunt over de gebruiksoppervlakte pas ter zitting van de Rechtbank is ingenomen. De stelling dat dit eerder was ingebracht, werd niet ondersteund door de stukken. De Heffingsambtenaar kon dan ook niet worden verweten de bouwtekeningen pas in hoger beroep te hebben overgelegd.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het hof bevestigt de uitspraak van de Rechtbank. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat de WOZ-waarde van de woning niet te hoog is vastgesteld en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.