ECLI:NL:GHDHA:2024:2353
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toestemming verleend voor verhuizing met minderjarige naar nieuwe woonplaats
De moeder en vader, gezamenlijk gezagdragend over hun minderjarige kind, zijn in geschil over de verhuizing van de moeder met het kind naar een andere plaats. De rechtbank had het verzoek van de moeder tot vervangende toestemming voor verhuizing afgewezen. De moeder ging hiertegen in hoger beroep.
Het hof overwoog dat de moeder een duurzame relatie heeft met een partner in de nieuwe woonplaats en dat het kind daar inmiddels naar school gaat en gewend is. De vader woont elders en is niet in staat tot goede communicatie met de moeder. De vader maakte ernstige zorgen over de thuissituatie bij de moeder, maar deze zorgen werden door het hof niet aannemelijk geacht. De vader had de omgang met de moeder tijdelijk beperkt, wat het hof ernstig in strijd met het belang van het kind achtte.
Het hof stelde dat de moeder het recht heeft om haar leven opnieuw in te richten en dat de verhuizing in het belang van het kind is, mede omdat de zorgregeling ongewijzigd kan blijven en het contact met de vader onverminderd kan worden voortgezet. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en verleende de moeder vervangende toestemming voor verhuizing, uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof verleent de moeder vervangende toestemming om met de minderjarige naar de nieuwe woonplaats te verhuizen.