Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest 27 februari 2024
Het verloop van het geding
Het vonnis van 27 juli 2022
De vordering van appellanten
De beoordeling van het hoger beroep
Proceskosten
Beslissing
- Griffierecht € 783,-;
- Kosten advocaat € 13.284,-;
Gerechtshof Den Haag
Op 26 oktober 2022 zijn appellanten in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 27 juli 2022 over de afwikkeling van de nalatenschap van een erflater met 48 erfgenamen. De executeur-afwikkelingsbewindvoerder had aanzienlijke kosten in rekening gebracht die door de erfgenamen werden betwist.
De rechtbank had de administratieve rekening van de executeur afgekeurd en bepaald dat hij slechts een bedrag van € 79.860,- inclusief BTW redelijk in rekening mocht brengen. Tevens werd hij veroordeeld tot het aanvullen van de erfgenamenrekening en tot het afwikkelen van de nalatenschap binnen een gestelde termijn. Daarnaast werden onrechtmatige uitlatingen door enkele erfgenamen verboden en werden schadevergoedingen toegekend.
Het hof overweegt dat de nalatenschap relatief eenvoudig was met een omvang van € 469.053,- en dat de kosten van de executeur tot ruim € 186.000,- waren opgelopen. Het hof deelt de visie van de rechtbank dat deze kosten excessief en niet in verhouding tot de nalatenschap zijn. De executeur heeft onvoldoende inzicht gegeven in de kosten en het nut daarvan niet aangetoond. Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt de executeur in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de kosten van de executeur excessief zijn en veroordeelt hem tot schadevergoeding en proceskosten.