Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
spreekt de verdachtedaarvan
vrij.
teruggaveaan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
Gerechtshof Den Haag
In hoger beroep heeft het Gerechtshof Den Haag het vonnis van de politierechter in Rotterdam vernietigd en de verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde bezit van heroïne en cocaïne. De zaak draaide om een verklaring van een anonieme getuige die cruciaal was voor de bewijsvoering in eerste aanleg.
De verdediging had verzocht om het horen van deze anonieme getuige, maar omdat diens identiteit niet meer te achterhalen was, was het horen niet mogelijk. Volgens artikel 344a lid 3 van het Wetboek van Strafvordering mag een anonieme getuigenverklaring alleen worden gebruikt als deze wordt ondersteund door ander bewijsmateriaal en de verdediging de mogelijkheid heeft gehad de getuige te horen.
Het hof oordeelde dat zonder de anonieme getuigenverklaring onvoldoende bewijs resteert om de tenlastelegging te bewijzen. De advocaat-generaal had eveneens gevorderd tot vrijspraak. Daarnaast gelastte het hof de teruggave van een in beslag genomen geldbedrag van €310 aan de verdachte. De verdachte werd niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep voor een andere vrijspraak die niet vatbaar was voor hoger beroep.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs door onmogelijkheid horen anonieme getuige.