ECLI:NL:GHDHA:2025:1200
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid schorsingsverzoek voorlopige hechtenis na verkapt hoger beroep
In deze zaak heeft de verdachte een verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis ingediend bij het gerechtshof Den Haag. Het hof had eerder op 15 mei 2025 een soortgelijk verzoek afgewezen. Op 16 mei 2025 diende de verdachte een nieuw schorsingsverzoek in, dat feitelijk neerkwam op een verkapt hoger beroep tegen de eerdere beslissing.
Tijdens de behandeling op 19 juni 2025 in raadkamer heeft het hof vastgesteld dat het nieuwe verzoek geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatte die een heroverweging rechtvaardigen. De wet voorziet niet in een hoger beroep tegen een beslissing op een schorsingsverzoek, waardoor het hof het verzoek niet-ontvankelijk verklaarde.
De beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Den Haag en ondertekend door de voorzitter en de griffier. De advocaat-generaal heeft de beschikking ter kennis van de verdachte gebracht.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan nieuwe feiten en het ontbreken van wettelijke grondslag voor hoger beroep.