Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
hij, op of omstreeks 23 februari 2024 te Gouda, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] opzettelijk van het leven te beroven, met een motorrijtuig (personenauto) op die [slachtoffer 1] en/of van [slachtoffer 2] is ingereden, althans met dat motorrijtuig in de richting van die [slachtoffer 1] en/of van [slachtoffer 2] is gereden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
dat hij, als degene door wiens gedraging, als bestuurder van een motorrijtuig, een verkeersongeval was veroorzaakt, welk verkeersongeval had plaatsgevonden in
hij, op of omstreeks 23 februari 2024 te Gouda als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Gouderaksedijk en/of de
hij, in of omstreeks de periode van 23 februari 2024 tot en met 29 februari 2024 te Bodegraven, gemeente Bodegraven-Reeuwijk en/of Gouda om een feit, bedoeld in
hij
,op
of omstreeks23 februari 2024 te Gouda als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig, daarmede rijdende over de weg, de Oudebrugweg en
/ofde Gouderaksedijk zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden doordat hij, verdachte,
roekeloos, in elk gevalzeer
, althans aanmerkelijk,onvoorzichtig en
/ofonoplettend,
/of
/of
met deop het wegdek aangebrachte haaientanden als bedoeld in artikel 80 van Pro het Reg
element Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 en
/ofbord B6 van bijlage 1 van voornoemd Reg
element geen voorrang heeft verleend aan de op die Gouderaksedijk
aanwezige/rijdende fietser [slachtoffer 1] en
/of
gebotst/aangereden,
of meerderebreuk
enin de linker pols,
of meerderebreuk
enin de rechter pols,
meervoudigebreuk in de rechter elleboog,
een ofmeerdere gebroken ribben en
/of
, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan.
dat hij, als degene door wiens gedraging, als bestuurder van een motorrijtuig, een verkeersongeval was veroorzaakt, welk verkeersongeval had plaatsgevonden in
/aande kruising Oudebrugweg en
/ofGouderaksedijk, op
of omstreeks23 februari 2024 de
(voornoemde
)plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl daardoor, naar hij wist
of redelijkerwijs moest vermoeden, een ander (te weten [slachtoffer 1]), aan wie bij dat ongeval letsel was toegebracht, in hulpeloze toestand werd achtergelaten.
hij
,op
of omstreeks23 februari 2024 te Gouda als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Gouderaksedijk en
/ofde
/ofde Haastrechtsebrug en
/ofde Goejanverwelledijk en
/ofde Sportlaan en
/ofde Estafetteweg en
/ofde Wissel, zich opzettelijk zodanig heeft gedragen dat de verkeersregels in ernstige mate werden geschonden door:
(aanzienlijk
)hogere snelheid dan de ter plaatse voor dat voertuig toegestane maximumsnelheid van 30 en/of 50 km/u
, in elk geval met een aanzienlijk hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden waste rijden,
/ofvoetgangers en
/ofgeparkeerde voertuigen te rijden,
meermalenover voornoemde wegen te slingeren,
meermaleneen rood uitstralend verkeerslicht te negeren,
/of
(aanzienlijk
)hoge snelheid over verkeersdrempels te rijden en
/of (vervolgens
)de macht over het stuur te verliezen en
/oftegen een geparkeerd
(en
)van verdachte levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor
(een)ander
(en
)te duchten was.
hij
, in of omstreeks de periode vanop23 februari 2024
tot en met 29 februari 2024te Bodegraven, gemeente Bodegraven-Reeuwijk en
/ofGouda om een feit, bedoeld in
verwerken,verkopen, afleveren, verstrekken en
/ofvervoeren, van cocaïne, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I
, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet,
, vervoermiddelen,enstoffen
, gelden en/of andere betaalmiddelenvoorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte, wist
of ernstige reden had om te vermoedendat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, te weten:
dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de
Opiumwet,
althans een of meerdere stuks verpakkingsmateriaal,
een contant geldbedrag van in totaal (ongeveer)€ 629,65 (in verschillende coupures),
of meerderetelefoon
s.
overtreding van artikel 7, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
overtreding van artikel 5a van de Wegenverkeerswet 1994.
[telefoonnummer]. In de auto van de verdachte zijn de inbeslaggenomen twee telefoons aangetroffen bij zijn aanhouding en bij het bellen naar voornoemd nummer is één van de twee telefoons overgegaan. Gelet hierop acht het hof het aannemelijk dat de verdachte gebruik heeft gemaakt van één telefoon voor zijn drugshandel. Het hof zal dan ook de Apple telefoon waaraan het genoemde telefoonnummer was gekoppeld verbeurd verklaren. De andere Apple telefoon dient te worden teruggegeven aan de verdachte omdat het dossier geen aanwijzingen bevat waaruit volgt dat hij daarmee enig strafbaar feit heeft gepleegd en het belang van strafvordering zich niet daartegen verzet.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 2 (twee) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dit noodzakelijk acht daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
24 (vierentwintig) maanden.
teruggaveaan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: