Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- het exploit van 25 juni 2024, hersteld bij herstelexploit van 16 september 2024, waarmee de man in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de rechtbank Den Haag van 27 maart 2024, hierna: het bestreden vonnis;
- de memorie van grieven van de man, met bijlagen;
- de memorie van antwoord tevens houdende incidenteel appel van de vrouw, met bijlagen;
- de memorie van antwoord in incidenteel appel van de man, met bijlagen;
- de akte uitlaten producties van de zijde van de vrouw;
- de antwoordakte van de zijde van de man.
3.Feitelijke achtergrond
- de man veroordeeld tot: (alsnog) afname van alle aandelen van de vrouw in het kapitaal van [bedrijf] ;
- de man veroordeeld tot medewerking aan de afkoop dan wel andere wijze van beëindiging van twee polissen bij Allianz;
- de man veroordeeld tot medewerking aan de in het convenant van 20 oktober 2006 overeengekomen pensioenverevening, door het door de man aanwijzen van een deskundige pensioenadviseur.
4.Procedure bij de rechtbank (bodemzaak)
€ 86.000,- aan dwangsommen ter zake de afname van de aandelen, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 10 september 2022 tot aan dag van volledige betaling;
€ 2.537,64 aan executiekosten.
5.Vorderingen in hoger beroep
7 september 2022 tot aan de dag der algehele voldoening.