ECLI:NL:GHDHA:2025:606
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Omzetting ondercuratelestelling naar bewind en mentorschap met benoeming onafhankelijke bewindvoerder
Betrokkene, geboren in 1999, was sinds 2018 onder curatele gesteld vanwege haar lichamelijke en geestelijke toestand. De curatele was aanvankelijk door de vader uitgevoerd, later door de moeder, en vervolgens door Obin, een professionele organisatie. De kantonrechter had de moeder per 1 december 2023 als curator ontslagen en Obin benoemd.
De moeder kwam in hoger beroep tegen deze beslissing en verzocht primair herbenoeming als curator en subsidiair omzetting van de curatele in een bewind en mentorschap met haar als bewindvoerder en mentor. De vader verzocht afwijzing van het primaire verzoek en benoeming van zichzelf als bewindvoerder, terwijl hij instemde met de moeder als mentor.
Het hof oordeelde dat de ondercuratelestelling niet langer noodzakelijk is omdat de belangen van betrokkene ook met minder verstrekkende maatregelen kunnen worden beschermd. De curatele wordt daarom opgeheven en omgezet in een bewind over de goederen en een mentorschap. De moeder wordt benoemd tot mentor vanwege haar eerdere goede uitvoering van deze taak. Gezien het spanningsveld tussen de ouders en de wens van rust voor betrokkene, wordt Obin als onafhankelijke bewindvoerder gehandhaafd. De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd en het hoger beroep wordt gegrond verklaard met deze nieuwe regeling.
Uitkomst: De ondercuratelestelling wordt opgeheven en omgezet in een bewind en mentorschap met benoeming van de moeder als mentor en Obin als onafhankelijke bewindvoerder.