ECLI:NL:GHDHA:2026:2319

Gerechtshof Den Haag

Datum uitspraak
16 juli 2026
Publicatiedatum
15 juli 2026
Zaaknummer
22-002591-24
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte openlijk geweld bij ongeregeldheden Opera Zalencentrum Den Haag

Op 17 februari 2024 vonden ongeregeldheden plaats bij het Opera Zalencentrum in Den Haag. Verdachte werd aangehouden omdat hij werd verdacht stenen en andere voorwerpen naar politie te hebben gegooid en openlijk geweld te hebben gepleegd. In eerste aanleg werd verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf maanden, waarvan twee voorwaardelijk.

In hoger beroep heeft het gerechtshof het vonnis van de rechtbank vernietigd. Het hof oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om te concluderen dat verdachte daadwerkelijk geweldshandelingen had verricht. De verklaring van de verbalisant was summier en niet ondersteund door andere bewijsmiddelen, en de camerabeelden toonden geen specifieke geweldshandelingen van verdachte.

Daarom sprak het hof verdachte vrij van het ten laste gelegde openlijk geweld. Tevens verklaarde het hof de benadeelde partijen niet-ontvankelijk in hun vorderingen tot schadevergoeding, omdat de strafrechtelijke veroordeling ontbreekt. De benadeelde partijen kunnen hun vorderingen alleen bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van openlijk geweld wegens onvoldoende bewijs.

Uitspraak

PROMIS
Rolnummer: 22-002591-24
Parketnummer: 09-057890-24
Datum uitspraak: 16 juli 2026
TEGENSPRAAK
Arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Den Haag gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 19 juli 2024 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Eritrea) op [geboortedatum] 1988,
adres: [woonadres] , [woonplaats] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 2 maanden voorwaardelijk en een proeftijd van 2 jaren. Voorts is een beslissing genomen op de vorderingen van de benadeelde partijen zoals omschreven in het vonnis waarvan beroep.
Niet alle vorderingen van de benadeelde partijen zijn in hoger beroep gehandhaafd. De benadeelde partijen die in eerste aanleg niet-ontvankelijk zijn verklaard in hun vordering en zich – hoewel daartoe in de gelegenheid gesteld – in hoger beroep niet opnieuw hebben gevoegd, zijn thans niet meer aan de orde.
Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 17 februari 2024 te ‘s-Gravenhage openlijk, te weten, op en/of aan de Fruitweg en/of Parallelweg, althans in de nabijheid en/of in de buurt van het zalencentrum Opera (gelegen aan de Fruitweg), in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen:
- personen, te weten politieambtenaren en/of brandweerpersoneel en/of journalisten en/of fotografen en/of personen in het zalencentrum Opera, en/of;
- goederen, te weten politievoertuigen en/of personenauto’s en/of een touringcar en/of één of meerdere gebouwen (onder andere zalencentrum Opera en/of naastgelegen en/of in de (directe) nabijheid gelegen gebouwen en/of een tankstation), door (meermalen):
- ( met stokken, stenen, messen en/of andere voorwerpen in de hand) (gegroepeerd) zich dreigend op te houden en/of op te stellen tegen en/of de confrontatie te zoeken/aan te gaan met de politie en/of brandweer en/of journalisten en/of fotografen, en/of;
- het zalencentrum Opera te bestormen en/of te proberen binnen te dringen (onder andere door (met meerdere personen tegelijk) op de politie en/of het zalencentrum Opera af te gaan/te rennen en/of te proberen zich door linies van de politie heen te dringen), en/of;
- ( stukken/brokken van) stoeptegels en/of stenen en/of fietsen en/of straatmeubilair en/of vuurwerk en/of brandend/brandbaar materiaal en/of één of meerdere andere voorwerpen, naar/tegen voornoemde personen en/of goederen te gooien, en/of;
- één of meerdere (politie)voertuigen en/of een touringcar in brand te steken.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd en dat de verdachte zal worden vrijgesproken ten aanzien van het bestanddeel dat ziet op het in brand steken van één of meerdere (politie)voertuigen en/of een touringcar en ter zake van het overig tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk en een proeftijd van 2 jaren.

Beoordeling van het vonnis

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Vrijspraak

Uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting volgt dat de verdachte op 17 februari 2024 aanwezig is geweest in de omgeving van het Opera Zalencentrum aan de Fruitweg te Den Haag toen daar ongeregeldheden hebben plaatsgevonden. Hij is om 18:20 uur aangehouden nadat een verbalisant de verdachte had herkend als degene die eerder stenen en/of andere voorwerpen in de richting van de politie had gegooid. Bij zijn aanhouding had de verdachte een stok vast. Op de camerabeelden die zich in het dossier bevinden en waarop de verdachte zichzelf heeft herkend, is te zien dat hij om 17:50 uur met een groep mensen wegrent en daarna weer richting de politie beweegt. Zoals ook het openbaar
ministerie en de verdediging hebben opgemerkt, blijkt uit de camerabeelden in het dossier niet van specifieke geweldshandelingen door de verdachte.
De verbalisant die de verdachte heeft aangehouden heeft in het proces-verbaal van aanhouding opgenomen: “Ik zag dat deze man eerder stenen en/of andere voorwerpen naar ons had gegooid. Ik herkende hem aan zijn glimmende jas.” Bij het verhoor bij de rechter-commissaris herinnerde de verbalisant niet meer waar hij de verdachte destijds aan had herkend. Door de verdediging is er terecht op gewezen dat in het proces-verbaal van aanhouding verder niet concreet is beschreven het moment waarop door de verdachte met stenen zou zijn gegooid en dat er die avond veel personen waren met een vergelijkbaar signalement, te weten met een zwarte jas. Het hof acht met de verdediging de verklaring van de verbalisant, die op dit punt ook niet ondersteund wordt door andere bewijsmiddelen, heel summier. Dit maakt dat het hof niet de overtuiging heeft bekomen dat de verdachte aldaar met stenen heeft gegooid.
De hiervoor weergegeven omstandigheden, te weten de op camerabeelden vastgelegde beweging als onderdeel van een groep en het vast hebben van een stok bij de aanhouding, zijn naar het oordeel van het hof niet voldoende om een wezenlijke, significante bijdrage van de verdachte aan het openlijk geweld aan te nemen.
Het vorengaande leidt tot het oordeel van het hof dat er niet voldoende wettig en overtuigend bewijs jegens de verdachte is dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde openlijk geweld en dat hij behoort te worden vrijgesproken.

Vorderingen tot schadevergoeding

Nu de verdachte van het tenlastegelegde wordt vrijgesproken, dienen de benadeelde partijen niet-ontvankelijk te worden verklaard in hun vorderingen. De benadeelde partijen kunnen daarom in hun vordering niet worden ontvangen en de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Vordering van de benadeelde partijen
Verklaart de benadeelde partijen:
- 3254616
- 3254628
- 3254839
- 3254852
- 3254857
- 3254869
- 3254922
- 3255764
- 3255767
- 3256007
- 3256014
- 3256065
- 3256279
- 3256298
- 3256309
- 3256357
- 3256367
- 3256593
- 3256600
- 3256945
- 3257688
- 3258166
- 3259023
- 3259472
- 3260529
- 3272822
- [naam benadeelde partij 1]
- [naam benadeelde partij 2]
- [naam benadeelde partij 3]
- [naam benadeelde partij 4]
- [naam benadeelde partij 5]
- [naam benadeelde partij 6]
- [naam benadeelde partij 7]
- [naam benadeelde partij 8]
- [naam benadeelde partij 9]
- [naam benadeelde partij 10]
- [naam benadeelde partij 11]
- [naam benadeelde partij 12]
- [naam benadeelde partij 13]
- [naam benadeelde partij 14]
- [naam benadeelde partij 15]
- [naam benadeelde partij 16]
- [naam benadeelde partij 17]
- [naam benadeelde partij 18]
- [naam benadeelde partij 19]
- [naam benadeelde partij 20]
- [naam benadeelde partij 21]
- [naam benadeelde partij 22]
- [naam benadeelde partij 23]
- [naam benadeelde partij 24]
- [naam benadeelde partij 25]
- [naam benadeelde partij 26]
- [naam benadeelde partij 27]
- [naam benadeelde partij 28]
- [naam benadeelde partij 29]
- [naam benadeelde partij 30]
- [naam benadeelde partij 31]
- [naam benadeelde partij 32]
- [naam benadeelde partij 33]
- [naam benadeelde partij 34]
- [naam benadeelde partij 35]
- [naam benadeelde partij 36]
- [naam benadeelde partij 37]
- [naam benadeelde partij 38]
- [naam benadeelde partij 39]
- [naam benadeelde partij 40]
- [naam benadeelde partij 41]
- [naam benadeelde partij 42]
- [naam benadeelde partij 43]
- [naam benadeelde partij 44]
- [naam benadeelde partij 45]
- [naam benadeelde partij 46]
- [naam benadeelde partij 47]
- [naam benadeelde partij 48]
- [naam benadeelde partij 49]
- [naam benadeelde partij 50]
- [naam benadeelde partij 51]
- [naam benadeelde partij 52]
- [naam benadeelde partij 53]
- [naam benadeelde partij 54]
- [naam benadeelde partij 55]
- Nationale Politie
- Veiligheidsregio Haaglanden
niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.
Veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partijen gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door mr. E.C. van Veen, als voorzitter, en mr. M.C. Bruining en mr. F.W. Pieters, leden, in bijzijn van de griffiers mr. R. Rakić-Dieteren en mr. M.S. Karsters.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 16 juli 2026.