Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.Procesverloop in hoger beroep
2.Procedure bij de rechtbank
3.De vordering van de man in hoger beroep
- primair tot betaling aan de man van een bedrag van € 590.076, te vermeerderen met wettelijke rente van € 361.184 tot 1 juli 2025 en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juli 2025 tot de dag der algehele voldoening, en
- subsidiair tot betaling aan de man van een bedrag van € 567.826, te vermeerderen met wettelijke rente van € 361.184 tot 1 juli 2025 en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juli 2025 tot de dag der algehele voldoening, en
- primair en subsidiair de vrouw te veroordelen in de kosten van beide instanties, vermeerderd met de nakosten en de wettelijke rente over deze proceskosten vanaf de vijftiende dag na de dag van het ten deze wijze arrest tot aan de dag der algehele voldoening.