Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
3.Feitelijke achtergrond
acht dat hij na volgende week, waar al verlof gepland stond, het werk weer kan hervatten.
schoof aan. (…) Een ziekmelding is reeel als er een verminderde prestatie is agv medische beperkingen. [verzoeker] geeft aan dat hij met verdelen van het werk afhankelijk van zijn wisselende functioneren, kan voldoen aan een normale productie. Om die reden denkt hij dat een ziekmelding nu niet aan de orde is. Om dat moment uit te stellen en hem het werken fysiek makkelijker te maken is hij aangewezen op een ergonomische verantwoorde werkplek een daarbij hoort onder ander een normaal beeldscherm. Veelvuldig werken met een laptop is niet verstandig.”
en de druk op het werk. Tijdens dit gesprek is afgesproken dat [verzoeker] 50% werkt aangevuld met een arbeidsongeschiktheid van tevens 50%.
[verzoeker] is open over zijn medische situatie, maar dergelijke informatie zal vanuit privacy redenen niet in het verslag worden opgenomen. (…)
kampt hij al lange tijd met medische klachten.
4.Procedure bij de rechtbank
- € 107.569,89 bruto aan transitievergoeding;
- € 331.127,- bruto aan billijke vergoeding;
- € 29.208,94 bruto aan gefixeerde schadevergoeding;
- € 14.165,40 aan resterend (vakantie en ADV)verlof;
- € 37.290,33 bruto vermeerderd met wettelijke verhoging aan achterstallige bonussen;
- € 5.949,97 bruto vermeerderd met wettelijke verhoging aan vakantiebijslag;
- € 14.244,37 excl. BTW aan juridische kosten;
5.Verzoek in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
Omvang van het hoger beroep
- billijke vergoeding;
- subsidiair schadevergoeding op grond van art. 7:611 dan Pro wel 7:658 BW;
- volledige vergoeding juridische kosten, en
- jubileumuitkering.
7.Beslissing
- veroordeelt [verweerder] in de kosten van de procedure bij de rechtbank, aan de zijde van [verzoeker] tot op 17 september 2024 begroot op € 2.691,-, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten als [verweerder] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft betaald;
- bekrachtigt de beschikking voor het overige;
- veroordeelt [verzoeker] in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van [verweerder] tot op heden begroot op € 3.433,-;