Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHDHA:2026:897

Gerechtshof Den Haag

Datum uitspraak
2 april 2026
Publicatiedatum
22 april 2026
Zaaknummer
BK-25/395bis t/m BK-25/397bis
Instantie
Gerechtshof Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hersteluitspraak ter correctie van kennelijke fout in hoger beroep belastingrecht

In deze hersteluitspraak van 2 april 2026 heeft het Gerechtshof Den Haag een kennelijke fout in haar eerdere uitspraak van 8 januari 2026 hersteld. De fout betrof een onjuiste vermelding in rechtsoverweging 5.9, waarin abusievelijk werd gesteld dat het hoger beroep gegrond was. Uit de overige overwegingen en de beslissing bleek echter dat het hoger beroep ongegrond was verklaard en de uitspraak van de Rechtbank Den Haag werd bevestigd.

Het hof heeft geoordeeld dat deze fout een misslag betreft die zich leent voor herstel. De hersteluitspraak verwijdert het woord "gegrond" uit de betreffende rechtsoverweging, zodat de uitspraak correct gelezen moet worden als ongegrondverklaring van het hoger beroep. De verbetering is op de minuut van de oorspronkelijke uitspraak aangebracht.

Deze procedure betreft een hoger beroep in belastingrecht, waarbij belanghebbende het niet eens was met de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 3 april 2025. De hersteluitspraak bevestigt de eerdere beslissing en zorgt voor duidelijkheid in de motivering van het hof.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd na correctie van een kennelijke fout.

Uitspraak

GERECHTSHOF DEN HAAG
Team Belastingrecht
meervoudige kamer
nummers BK-25/395bis t/m BK-25/397bis

Uitspraak van 2 april 2026 ter herstel van de uitspraak van 8 januari 2026

in het geding tussen:

[X] te [Z] , belanghebbende,

en

de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,

(vertegenwoordiger: […] )
gedaan ter verbetering van de uitspraak van dit Hof van 8 januari 2026, nummers BK-25/395 t/m BK-25/397, op het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag (de Rechtbank) van 3 april 2025, nummers SGR 23/565, SGR 23/567 en SGR 23/568.

De uitspraak in het hoger beroep

1.1.
Het Hof heeft in deze zaken op 8 januari 2026 uitspraak gedaan (de uitspraak).
1.2.
Het Hof heeft bevonden dat de uitspraak een misslag bevat. In de motivering van de beslissing staat in rechtsoverweging 5.9 abusievelijk vermeld: “het hoger beroep gegrond is ongegrond.” Evenwel volgt uit de overwegingen en de beslissing dat het Hof de uitspraak van de Rechtbank bevestigt en dat het hoger beroep derhalve ongegrond is. Naar het oordeel van het Hof is sprake van een kennelijke fout die zich leent voor herstel door middel van de onderhavige hersteluitspraak.
1.3.
Herstel van deze misslag brengt mee dat in rechtsoverweging 5.9 van de uitspraak het woord “gegrond” wordt verwijderd.
1.4.
Het Hof zal de verbetering zoals hiervoor in rechtsoverweging 1.3. vermeld op de minuut doorvoeren en verstaat dat de uitspraak aldus verbeterd moet worden gelezen.

Beslissing

Het Gerechtshof:
  • verbetert de hierboven vermelde misslag in de uitspraak van 8 januari 2026, nummers BK-25/395 t/m BK-25/397, en
  • stelt de verbetering op de minuut van die uitspraak.
Deze hersteluitspraak is vastgesteld door T.A. de Hek, Chr.Th.P.M. Zandhuis en P.C. van den Brink, in tegenwoordigheid van de griffier T.S.K.L. Tjon.
De griffier, de voorzitter,
T.S.K.L. Tjon T.A. de Hek
De beslissing is op 2 april 2026 in het openbaar uitgesproken.
Deze hersteluitspraak is in Mijn Rechtspraak geplaatst. Indien u niet digitaal procedeert, is een afschrift aangetekend per post verzonden.