ECLI:NL:GHLEE:1997:AA4148
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Aardema
- D.B. Bijl
- J.M.F. Finkensieper
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt juiste toepassing overgangsregeling omzetbelasting bij nieuwbouw ziekenhuis
De belanghebbende, exploitant van een ziekenhuis, betwistte de door de inspecteur opgelegde naheffingsaanslag omzetbelasting over de nieuwbouw van het ziekenhuis. Centraal stond de vraag of de omzetbelasting correct was berekend met toepassing van de overgangsregeling uit de Wet van 21 december 1988, waarbij een tariefsverlaging van 20% naar 18,5% werd geregeld.
De belanghebbende stelde dat de overgangsregeling concurrentieverstorend was en in strijd met artikel 53 van Pro de Wet OB en artikel 12 van Pro de Zesde richtlijn. De inspecteur verdedigde de regeling als passend en conform de richtlijn, en stelde dat de naheffingsaanslag terecht was opgelegd.
Het hof oordeelde dat artikel 12 van Pro de Zesde richtlijn de lidstaten de ruimte geeft passende overgangsmaatregelen te treffen bij tariefswijzigingen. De specifieke regeling voor onroerende zaken waarbij vóór 1 januari 1989 vervallen termijnen tegen het oude tarief worden belast, is een passende overgangsregeling. De belanghebbende kon geen reden geven waarom dit onderscheid niet toelaatbaar zou zijn.
Het hof verwierp het beroep van de belanghebbende en vernietigde de bestreden uitspraak alleen omdat de naheffingsaanslag ondanks de ambtshalve vermindering was gehandhaafd. De naheffingsaanslag werd gehandhaafd op het verlaagde bedrag en de inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het hof handhaafde de naheffingsaanslag na ambtshalve vermindering en wees het beroep van de belanghebbende af.