ECLI:NL:GHLEE:1997:AA4420
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- prof. mr. Aardema
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof Leeuwarden over fictieve desinvestering bij verhuur onderneming
Belanghebbende werd voor het jaar 1992 aangeslagen op een negatief belastbaar inkomen, waarbij een desinvesteringsbetaling van fl. 21.074,- was begrepen. De inspecteur nam een fictieve desinvestering aan vanwege de verhuur van het pand dat onderdeel was van de onderneming. Belanghebbende betwistte dat de verhuur tot een fictieve desinvestering moest leiden.
Het hof stelde vast dat de verhuur van de onderneming inclusief het pand duurzaam en langdurig was, waardoor redelijkerwijs verwacht kon worden dat het pand aan de huurder ter beschikking zou staan. Dit rechtvaardigt volgens het hof de toepassing van de fictieve desinvestering zoals bedoeld in de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Het hof verwierp het standpunt van belanghebbende dat voor het aannemen van een desinvesteringsbetaling het karakter van de wijziging bedrijfseconomisch beoordeeld moet worden. Het feitelijk gebruik en de terbeschikkingstelling aan derden zijn bepalend. Wel corrigeerde het hof de desinvesteringsbetaling naar 50%, omdat het firma-aandeel van belanghebbende 50% bedraagt.
De uitspraak van de inspecteur werd vernietigd en de desinvesteringsbetaling vastgesteld op fl. 10.537,-. Daarnaast werd een tegemoetkoming in de proceskosten van fl. 2.662,50 toegekend ten laste van de Staat der Nederlanden.
Uitkomst: De desinvesteringsbetaling wordt vastgesteld op 50% van het oorspronkelijke bedrag, namelijk fl. 10.537,-.