ECLI:NL:GHLEE:1999:AE9988
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wachter
- Drion
- Van Eck
- Rechtspraak.nl
Toepassing schuldsaneringsregeling ondanks betwisting goed vertrouwen bij ontstaan schuld
X. heeft bij de rechtbank Groningen verzocht om toepassing van de schuldsaneringsregeling op haar situatie, welke door de rechtbank op 5 oktober 1999 werd afgewezen. Tegen dit vonnis heeft X. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Leeuwarden.
De schuld betreft een bedrag van f 1.347,09 dat zij en haar toenmalige partner in juli en augustus 1994 ten onrechte aan bijstand hadden ontvangen van de gemeente Groningen. X. betwist niet de schuld zelf, maar stelt dat zij te goeder trouw was bij het ontstaan en het onbetaald laten van deze schuld.
Het hof heeft het verzoek in hoger beroep behandeld en geoordeeld dat op grond van artikel 288 lid 2 sub b Faillissementswet Pro het verzoek kan worden afgewezen indien aannemelijk is dat de schuldenaar niet te goeder trouw is. Nu niet is gebleken dat X. niet te goeder trouw was, en er geen andere belemmerende feiten of omstandigheden zijn, vernietigt het hof het vonnis van de rechtbank en verklaart de schuldsaneringsregeling op X. van toepassing.
De uitspraak is gedaan door het gerechtshof Leeuwarden op 10 november 1999, waarbij de voorzitter Wachter en raadsheren Drion en Van Eck het arrest hebben gewezen. De zaak werd behandeld in aanwezigheid van de waarnemend griffier.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart de schuldsaneringsregeling van toepassing op X. en vernietigt het eerdere vonnis.