ECLI:NL:GHLEE:2000:AA8936
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Pruiksma
- Drion
- Woelders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging waardering en objectafbakening onroerende-zaakbelasting warenhuis Groningen
Belanghebbende, X B.V., maakte bezwaar tegen de aanslagen onroerende-zaakbelasting (ozb) over 1992 voor twee panden in Groningen, waaronder een warenhuis aan de a-straat 21. De aanslagen betroffen zowel het genot krachtens zakelijk recht als het feitelijk gebruik. Na een verlaging van de heffingsgrondslagen door het hoofd van de afdeling belastingen, werd beroep ingesteld bij het Gerechtshof Leeuwarden.
Het geschil richtte zich met name op de objectafbakening en de waarde in het economisch verkeer van het warenhuis. Belanghebbende stelde dat de gebouwen aan de a-straat 21 en a-straat 7 als één object moesten worden beschouwd vanwege een ondergrondse tunnelverbinding, en betwistte de gehanteerde waarderingsmethode.
Het hof oordeelde dat het beroep op een onjuiste objectafbakening niet slaagt omdat belanghebbende het beroep had beperkt tot het warenhuis en daarmee had berust in de waarde van het andere pand. De door het hoofd toegepaste waarderingsmethode, huurwaarde-kapitalisatie met een kapitalisatiefactor van 9,5, werd als passend beoordeeld. Een alternatief taxatierapport dat de discounted-cash-flowmethode gebruikte, werd verworpen omdat deze methode niet geschikt is voor ozb-waardering.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van het hoofd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 1 december 2000 gewezen en op 6 december 2000 aan partijen verzonden.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag onroerende-zaakbelasting over het warenhuis werd ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.