ECLI:NL:GHLEE:2000:ZJ0005
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid verzet tegen dwangbevel wegens termijnoverschrijding
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beschikking van de kantonrechter die zijn verzet tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel niet-ontvankelijk verklaarde wegens het niet tijdig indienen van het verzetschrift.
Volgens artikel 26, derde lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) moet het verzetschrift binnen twee weken na betekening van het dwangbevel bij het kantongerecht zijn ingediend. Het verzetschrift van de betrokkene was gedateerd op de laatste dag van de termijn maar werd pas na deze termijn ontvangen door het kantongerecht.
De wetgever heeft geen voorziening getroffen voor verschoonbaarheid van termijnoverschrijding, zodat alleen in bijzondere, klemmende omstandigheden hiervan kan worden afgeweken. In deze zaak zijn dergelijke omstandigheden niet gebleken. Het hof bevestigt daarom de beslissing van de kantonrechter dat het verzet niet-ontvankelijk is.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van het verzetschrift.