ECLI:NL:GHLEE:2000:ZJ0072
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Kalsbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet tijdig betalen administratieve sanctie
De betrokkene had beroep ingesteld tegen een beslissing van de officier van justitie betreffende een administratieve sanctie. De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de betrokkene niet binnen de in artikel 11, derde lid, van de WAHV gestelde termijn zekerheid had gesteld voor de betaling van de sanctie en dit verzuim ook niet binnen een nader gestelde termijn had hersteld.
In hoger beroep werd niet betwist dat de betaling niet tijdig was verricht. De betrokkene stelde wel dat hij een brief van 17 februari 2000, waarin hij in de gelegenheid werd gesteld het verzuim te herstellen, niet had ontvangen. Het hof oordeelde dat deze brief was verzonden naar het juiste adres dat de betrokkene zelf had opgegeven en dat er geen aanwijzingen waren dat de brief niet was aangekomen.
Daarom werd de klacht ongegrond verklaard en de beslissing van de kantonrechter bevestigd. Het arrest werd uitgesproken door raadsheer Kalsbeek op 29 november 2000.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens het niet tijdig betalen van de administratieve sanctie.