ECLI:NL:GHLEE:2000:ZJ0090
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen beschikking kantonrechter inzake dwangbevel WAHV
Betrokkene maakte bezwaar tegen een dwangbevel uitgevaardigd door de officier van justitie in Leeuwarden en stelde verzet in bij de kantonrechter. De kantonrechter verklaarde het verzet ongegrond en wees de tenuitvoerlegging toe. Betrokkene stelde vervolgens hoger beroep in tegen deze beschikking.
Het hof beoordeelde de ontvankelijkheid van het hoger beroep. De mededeling van de beschikking van de kantonrechter was op 1 februari 2000 verzonden. Het beroepschrift werd echter pas op 20 maart 2000 per fax ontvangen, wat buiten de in art. 26a, eerste lid, WAHV voorgeschreven termijn van twee weken viel.
Betrokkene stelde dat hij reeds op 10 februari 2000 een brief had verzonden die als tijdig hoger beroep moest worden beschouwd. Het hof oordeelde dat betrokkene niet had aangetoond dat deze brief binnen de beroepstermijn bij de griffie was ontvangen, mede omdat het dossier geen ontvangstbevestiging bevatte.
Daarom verklaarde het hof betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep. De beschikking werd uitgesproken in aanwezigheid van de vice-president en griffier op 21 december 2000.
Uitkomst: Betrokkene is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens overschrijding van de beroepstermijn.