ECLI:NL:GHLEE:2001:AD6383
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Kalsbeek
- Huisman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging administratieve sanctie wegens gebruik verdrijvingsvlak zonder staandehouding bestuurder
Het gerechtshof Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter te Tiel, die het beroep van betrokkene tegen een administratieve sanctie ongegrond verklaarde. De sanctie betrof een boete van 240 gulden wegens het gebruik van een verdrijvingsvlak op 6 maart 1999 op de provinciale weg N320 nabij Daan van Dijkweg in de gemeente Culemborg.
Betrokkene voerde aan dat het voertuig niet op de genoemde plaats had gereden, dat er niet over het verdrijvingsvlak was ingehaald, dat het kenteken en de datum in het aanvullend proces-verbaal onjuist waren en dat hij ten onrechte niet was staande gehouden. Het hof oordeelde dat de onjuiste vermelding van kenteken en datum kennelijke schrijffouten waren en dat de gedraging op de juiste datum en met het juiste kenteken had plaatsgevonden.
Het hof benadrukte dat volgens artikel 5 WAHV Pro de sanctie wordt opgelegd aan de kentekenhouder tenzij er een reële mogelijkheid tot staandehouding van de bestuurder was. Uit het aanvullend proces-verbaal bleek dat de verbalisant niet in een opvallend politievoertuig reed en daarom geen reële mogelijkheid had om de bestuurder staande te houden.
Gelet op deze feiten en de rechtspraak bevestigde het hof de beslissing van de kantonrechter dat de administratieve sanctie terecht was opgelegd aan betrokkene als kentekenhouder.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de administratieve sanctie van 240 gulden wegens gebruik van een verdrijvingsvlak zonder staandehouding van de bestuurder.