ECLI:NL:GHLEE:2001:AD6389
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Huisman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens opgelegde sanctie onder drempelbedrag WAHV
Betrokkene stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de kantonrechter te Lelystad, die het beroep van betrokkene tegen een verkeersboete van de officier van justitie ongegrond had verklaard. De opgelegde sanctie bedroeg ƒ110, hetgeen lager is dan de wettelijke drempel van ƒ150 voor het instellen van hoger beroep op grond van artikel 14 WAHV Pro.
Betrokkene voerde aan dat de datum van de overtreding bepalend zou zijn voor de toepasselijke regelgeving en dat de vertraging bij de kantonrechter niet zijn schuld was, waardoor hij meende dat hoger beroep mogelijk moest zijn. Het hof oordeelde dat deze stelling in strijd is met de overgangsbepalingen van de wet en het toepasselijke recht.
Daarnaast constateerde het hof dat de beslissing van de kantonrechter niet binnen de wettelijke termijn was genomen, maar dat dit geen onredelijke vertraging opleverde die de belangen van betrokkene schaadde. Gelet op de drempelwaarde en de overgangsbepalingen verklaarde het hof betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens een opgelegde sanctie onder de drempel van ƒ150.