ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0097

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
10 januari 2001
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
WAHV 00-00352
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Kalsbeek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8 WAHVArt. 11 lid 3 WAHVArt. 13 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging niet-ontvankelijkheidsverklaring in hoger beroep bestuursstrafrecht WAHV

De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie inzake een administratieve sanctie onder de WAHV. De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de betrokkene niet binnen de wettelijke termijn zekerheid had gesteld voor betaling.

Het hof bevestigt de feiten maar constateert dat de uitspraak van de kantonrechter niet op een openbare zitting is gedaan, wat een fundamenteel procesvoorschrift is volgens art. 13 WAHV Pro. Hierdoor is de beslissing nietig.

Het hof vernietigt daarom de beslissing van de kantonrechter en neemt zelf de beslissing om het beroep niet-ontvankelijk te verklaren. Tevens adviseert het hof het openbaar ministerie om het vrijwaringsbewijs van de betrokkene te heroverwegen voordat tot inning wordt overgegaan.

Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt de beslissing van de kantonrechter en verklaart het beroep niet-ontvankelijk wegens niet-naleving van het openbaarheidvoorschrift.

Uitspraak

WAHV 00/00352
10 januari 2001
CJIB 27252208
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Amsterdam
van 18 september 2000
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Amsterdam niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. De kantonrechter heeft, uitgaande van zijn - in hoger beroep niet bestreden - vaststelling dat de betrokkene niet binnen de in art. 11, derde lid, WAHV gestelde termijn zekerheid heeft gesteld voor de betaling van de opgelegde administratieve sanctie en dat de betrokkene evenmin binnen een nader gestelde termijn dit verzuim heeft hersteld, terecht het beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard.
3.2. Niettemin kan de beslissing van de kantonrechter, gelet op het navolgende, niet worden bevestigd.
3.3. Het tweede lid van art. 13 WAHV Pro schrijft voor dat de beslissing van de kantonrechter op een openbare zitting wordt uitgesproken. Uit de beslissing zelf blijkt niet dat de uitspraak in het openbaar is gedaan. Verder bevindt zich bij de stukken van het geding niet een proces-verbaal waaruit kan volgen dat de uitspraak is gedaan op een openbare zitting. Het voorschrift met betrekking tot de openbaarheid van de uitspraak is voor een goede rechtspleging van zo wezenlijke betekenis dat de niet-naleving daarvan leidt tot nietigheid van de betreffende beslissing.
3.4. Het hof zal daarom de beslissing van de kantonrechter vernietigen en doen hetgeen de kantonrechter had behoren te doen.
3.5. Het hof geeft met het oog op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur het openbaar ministerie in overweging alvorens tot inning van de opgelegde sanctie over te gaan te bezien of het door de betrokkene overgelegde vrijwaringsbewijs gezien het bepaalde in art. 8 WAHV Pro aanleiding vormt de inleidende beschikking te vernietigen.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door mr Kalsbeek, raadsheer, in tegenwoordigheid van mevrouw Bons als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 10 januari 2001.