ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0162
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Kalsbeek
- Huisman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet-stellen van zekerheid bij dwangbevel
De kantonrechter had het verzet van betrokkene tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van het verzet. Betrokkene stelde in hoger beroep dat de termijn was overschreden omdat zij eerst papieren moest verkrijgen om de juistheid van de beschikking aan te vechten.
Volgens art. 26a WAHV is het stellen van zekerheid van het verschuldigde bedrag en griffierecht een vereiste voor ontvankelijkheid in hoger beroep. De griffier had betrokkene verzocht zekerheid te stellen, maar het hof constateerde dat dit niet was gebeurd. Hoewel de griffier niet het bedrag van de zekerheid had vermeld, werd betrokkene niet opnieuw in de gelegenheid gesteld dit te doen omdat het beroep inhoudelijk geen kans van slagen had.
Het hof bevestigde dat het verzet niet gericht kan zijn tegen de beslissing tot oplegging van de administratieve sanctie zelf, en dat de door betrokkene aangevoerde omstandigheden geen bijzondere reden vormen om niet-ontvankelijkheid achterwege te laten. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het niet stellen van de vereiste zekerheid.