ECLI:NL:GHLEE:2002:AD9178

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
23 januari 2002
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
WAHV 01-00602
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Dijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 11, derde lid, WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-stellen zekerheid administratieve sanctie

De kantonrechter verklaarde het beroep van betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk omdat betrokkene niet binnen de in artikel 11, derde lid, WAHV gestelde termijn zekerheid had gesteld voor de betaling van de opgelegde administratieve sanctie. Betrokkene had dit verzuim ook niet binnen een nader gestelde termijn hersteld.

Betrokkene voerde ter zitting aan dat hij als gewone burger niet wist hoe hij moest handelen en dat de ontvangen papieren te ingewikkeld waren om te begrijpen. Het hof oordeelde echter dat betrokkene zich voor toelichting tot het arrondissementsparket had kunnen wenden. Het hof bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter.

Daarnaast wees het hof het verzoek van betrokkene om vergoeding van autokosten af, nu betrokkene in het ongelijk werd gesteld. Het arrest werd gewezen door mr Van Dijk en uitgesproken ter openbare zitting.

Uitkomst: Het hof bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het beroep wegens het niet stellen van zekerheid binnen de gestelde termijn en wijst het verzoek om vergoeding van autokosten af.

Uitspraak

WAHV 01/00602
23 januari 2002
CJIB 36348297
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Middelburg
van 17 oktober 2001
betreffende
[betrokkene]
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Middelburg niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
Nadien heeft de betrokkene nog een aantal brieven aan het hof gezonden. Hierbij is onder meer verzocht om vergoeding van autokosten.
De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
Naar aanleiding van de brief van 2 januari 2002 heeft de betrokkene een brief, gedateerd 7 januari 2002 aan het hof gezonden, welke op 8 januari 2002 door het hof is ontvangen.
3. Beoordeling
3.1. De kantonrechter heeft, uitgaande van zijn - in hoger beroep niet bestreden - vaststelling dat de betrokkene niet binnen de in art. 11, derde lid, WAHV gestelde termijn zekerheid heeft gesteld voor de betaling van de opgelegde administratieve sanctie en dat de betrokkene evenmin binnen een nader gestelde termijn dit verzuim heeft hersteld, terecht het beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard. Daaraan doet niet af, dat de betrokkene ter zitting van de kantonrechter heeft verklaard, dat hij geen zekerheid heeft gesteld, omdat hij als gewone burger niet weet hoe hij moet handelen en dat hij wel papieren heeft ontvangen, maar dat die zo ingewikkeld zijn opgesteld, dat hij daarvan niets begrijpt. De betrokkene had zich voor een toelichting op de mededelingen omtrent zekerheidstelling immers tot het arrondissementsparket kunnen wenden.
3.2. Gelet op het voorgaande zal het hof de beslissing van de kantonrechter bevestigen.
3.3. Nu de betrokkene in het ongelijk wordt gesteld, zal het hof het verzoek om vergoeding van autokosten afwijzen.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst af het verzoek om vergoeding van kosten.
Dit arrest is gewezen door mr Van Dijk, in tegenwoordigheid van de heer Postma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.