ECLI:NL:GHLEE:2002:AE2449
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- prof. mr. Aardema
- mr. Drion
- mr. Wolt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van optievergoeding bij verkoop van percelen in inkomstenbelasting 1996
Belanghebbende werd voor het jaar 1996 aangeslagen in de inkomstenbelasting op een belastbaar inkomen van f. 173.098,--, waarbij een optievergoeding van f. 85.107,-- uit de verkoop van percelen grond werd meegenomen. Belanghebbende betwistte dat de gehele optievergoeding tot het belastbare inkomen behoorde en stelde dat een deel daarvan slechts beperkt belastbaar was.
De percelen betroffen landbouwgrond die deels tot het ondernemingsvermogen en deels tot het privévermogen werden gerekend. Het hof stelde vast dat de percelen 1483 en 1488 reeds vóór staking van de onderneming waren verkregen en dat perceel 1482 feitelijk voor bedrijfsactiviteiten werd gebruikt. Ook de percelen 1486, 1487 en 1489 werden voor het weiden van schapen en verkoop van gras gebruikt.
Het hof oordeelde dat de optievergoeding als nagekomen bedrijfsbate moet worden aangemerkt en dat de percelen terecht tot het ondernemingsvermogen werden gerekend. Het beroep van belanghebbende werd daarom ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende is ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting over 1996 is bevestigd inclusief de optievergoeding als belastbaar inkomen.