ECLI:NL:GHLEE:2002:AE3465
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen administratieve sanctie wegens verlopen keuringsbewijs motorvoertuig
De betrokkene stelde beroep in tegen een administratieve sanctie opgelegd wegens het rijden met een motorvoertuig waarvan het keuringsbewijs zijn geldigheid had verloren. De kantonrechter had het beroep ongegrond verklaard, maar het hof stelde vast dat de betrokkene niet correct was opgeroepen voor de zitting bij de kantonrechter, waardoor art. 12, eerste lid, WAHV was geschonden.
Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en behandelde de zaak inhoudelijk. De betrokkene erkende de overtreding, maar voerde verzachtende omstandigheden aan zoals het tijdelijk parkeren van het voertuig in afwachting van afvoer door een sloper en een vrijwaringsbewijs dat het voertuig op 28 juli 2000 was aangemeld bij de RDW.
Het hof oordeelde dat deze omstandigheden niet voldoende waren om de sanctie te matigen. De wettelijke bepalingen rondom de keuringsplicht en de geldigheidstermijn van het keuringsbewijs waren duidelijk, en de overtreding vond geruime tijd na het verstrijken van de termijn plaats. Ook de mogelijkheid tot schorsing van het kentekenbewijs werd besproken.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de administratieve sanctie van 180 gulden. De advocaat-generaal werd niet in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de administratieve sanctie bevestigd.