ECLI:NL:GHLEE:2002:AE3607
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- prof mr. Aardema
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid beroep wegens te late indiening afgewezen
Belanghebbende diende een beroepschrift in tegen een uitspraak van de heffingsambtenaar van de Gemeente De Wolden met betrekking tot een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken. Het beroepschrift werd echter niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van zes weken na dagtekening van de uitspraak ingediend, waardoor de voorzitter van de belastingkamer het beroep niet-ontvankelijk verklaarde.
Belanghebbende kwam hiertegen in verzet en stelde dat hij niet binnen de termijn in beroep kon komen omdat hij op dat moment niet op de hoogte was van de feiten waarop hij zijn beroep baseerde. Het hof oordeelde dat deze later bekend geworden feiten niet konden leiden tot ontvankelijkheid van het te laat ingediende beroepschrift op grond van artikel 6:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Het hof vond dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was en dat het aan belanghebbende zelf te wijten was dat het beroepschrift te laat was ingediend. Daarom verklaarde het hof het verzet ongegrond en handhaafde de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het te laat ingediende beroepschrift is ongegrond verklaard.