ECLI:NL:GHLEE:2002:AE4143
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Hermans
- Wedzinga
- Van Zant
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit handel in heroïne en heling caravan
Het gerechtshof Leeuwarden behandelde op 17 juni 2002 het hoger beroep tegen een uitspraak van de arrondissementsrechtbank Leeuwarden inzake ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De veroordeelde werd verdacht van medeplegen van de verkoop en aflevering van heroïne en het gewoonte maken van opzetheling van een caravan.
Het hof baseerde de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel op diverse proces-verbalen, verklaringen van betrokkenen en een berekening van inkoop- en verkoopprijzen van heroïne over een periode van zeven weken. Tevens werd de waarde van een caravan vastgesteld, waarbij het hof afweek van de stelling van de raadsman dat de ANWB-koerslijst niet betrouwbaar was.
Het totaal geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel bedroeg fl. 14.012,-- (6.358,37 euro). Gezien de draagkracht van de veroordeelde stelde het hof het te betalen bedrag echter lager vast op fl. 2.500,-- (1.134,45 euro). Het hof legde de verplichting op tot betaling aan de Staat met een vervangende hechtenis van vier dagen bij niet-betaling.
De uitspraak werd gewezen door de meervoudige strafkamer, bestaande uit de rechters Hermans, Wedzinga en Van Zant, waarbij het eerdere vonnis werd vernietigd en opnieuw recht werd gedaan.
Uitkomst: Het hof legt de verplichting tot betaling van fl. 2.500,-- aan de Staat op ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel met vervangende hechtenis bij niet-betaling.