ECLI:NL:GHLEE:2002:AE4813
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Pruiksma
- Van den Bergh
- Slijper-Kuijper
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens medeplegen dierenwelzijnsovertredingen en verbeurdverklaring dieren
Het gerechtshof Leeuwarden behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de politierechter te Leeuwarden van 20 september 2001. De zaak betrof medeplegen van gedragingen in strijd met de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en overtreding van de Wet op de dierenbescherming.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en verklaarde de feiten bewezen zoals omschreven, kwalificeerde deze als medeplegen van de genoemde delicten en veroordeelde verdachte tot een geldboete van 226 euro, met een proeftijd van twee jaar en een vervangende hechtenis van vier dagen bij niet-betaling. Tevens verklaarde het hof diverse inbeslaggenomen dieren verbeurd, waaronder schapen, lammeren en honden.
De procedure kende een discussie over de bevoegdheid van de eerste rechter, waarbij het hof oordeelde dat de politierechter bevoegd was en niet de economische politierechter. Om proceseconomische redenen werd het hoger beroep door de commune kamer van het hof behandeld, met instemming van verdachte en de advocaat-generaal.
De strafmotivering hield rekening met de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze waren gepleegd, de financiële draagkracht van verdachte en het feit dat verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld. De verbeurdverklaring van dieren werd gerechtvaardigd vanwege de ernst van de feiten en de vatbaarheid van de dieren daarvoor.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 226 euro met proeftijd en vervangende hechtenis, en dieren zijn verbeurd verklaard.