ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6531
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Dijkstra
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing kantonrechter wegens niet behoorlijke oproeping in bestuursstrafzaak
De betrokkene was in beroep gegaan tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep van betrokkene ongegrond had verklaard in een bestuursstrafzaak. De opgelegde sanctie bedroeg 60 gulden, wat onder de drempel van 150 gulden lag voor hoger beroep, maar betrokkene stelde dat hij niet behoorlijk was opgeroepen voor de zitting van 14 december 2001.
Het hof overwoog dat schending van fundamentele beginselen van behoorlijke rechtspleging, zoals het beginsel van hoor en wederhoor, een reden kan zijn om de beslissing te vernietigen. Uit het dossier bleek dat betrokkene op 13 juni 2001 een adreswijziging had doorgegeven, maar de oproeping voor de zitting was op 25 oktober 2001 naar het oude adres verzonden. Hierdoor was betrokkene niet behoorlijk opgeroepen.
Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en bepaalde dat de zaak op een nieuwe zitting, gepland op 2 augustus 2002, behandeld zal worden. Hiermee wordt betrokkene alsnog in de gelegenheid gesteld om gehoord te worden, conform het beginsel van hoor en wederhoor.
Uitkomst: De beslissing van de kantonrechter wordt vernietigd wegens niet behoorlijke oproeping en de zaak wordt opnieuw behandeld.