ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6908
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Fransen
- Drion
- Wolt
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke beoordeling van bezwaar tegen aanslag inkomstenbelasting 1998 na echtscheiding
Belanghebbende was tot 19 mei 1998 gehuwd en werd voor het jaar 1998 aangeslagen in de inkomstenbelasting met een belastbaar inkomen van ƒ 75.395,-. De inspecteur weigerde de aftrek van levensonderhoud ten bedrage van ƒ 4.600,- en hield rekening met rente-inkomsten van de voormalige echtgenote en kinderen tot de datum van echtscheiding. Na bezwaar werd de aanslag verminderd tot ƒ 74.528,-.
Belanghebbende stelde dat de inspecteur onvoldoende rekening hield met de persoonlijke situatie van zijn voormalige echtgenote en dat hij duurzaam gescheiden leefde vanaf 1 januari tot 19 mei 1998. Het hof oordeelde dat de inspecteur zijn uitspraak voldoende en zorgvuldig had gemotiveerd en dat eerdere uitspraken en arresten bevestigen dat belanghebbende niet duurzaam gescheiden leefde in de betreffende jaren.
De door de inspecteur ambtshalve verleende vermindering van ƒ 2.000,- aan alimentatieaftrek werd in aanmerking genomen, waardoor het beroep van belanghebbende ten dele gegrond werd verklaard. Het hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, handhaafde de aanslag op het verlaagde bedrag en gelastte vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ten dele gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 1998 wordt gehandhaafd na vermindering tot een belastbaar inkomen van ƒ 72.528,-.