ECLI:NL:GHLEE:2002:AE7098
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Weenink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beslissing kantonrechter inzake administratieve sanctie WAHV
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter te Arnhem, die zijn beroep tegen een administratieve sanctie ongegrond verklaarde. De opgelegde sanctie bedroeg 60 gulden, wat lager is dan de drempel van 70 euro voor hoger beroep volgens artikel 14 WAHV Pro.
De betrokkene klaagde dat hij niet behoorlijk was opgeroepen voor de zitting van 7 januari 2002, omdat de oproeping abusievelijk vermeldde dat de zitting op een dinsdag zou plaatsvinden, terwijl die dag in werkelijkheid een maandag was. Het hof onderzocht of deze onjuiste dagvermelding leidde tot schending van het beginsel van hoor en wederhoor.
Het hof concludeerde dat de betrokkene wel degelijk op de hoogte kon zijn van de juiste datum, aangezien het proces-verbaal van de eerdere zitting duidelijk vermeldde dat de zaak was geschorst tot maandag 7 januari 2002. De onjuiste dagvermelding in de oproeping was onvoldoende reden om te concluderen dat de betrokkene niet behoorlijk was opgeroepen.
Daarom werd het beroep verworpen en bleef de beslissing van de kantonrechter in stand. De procedure werd behandeld zonder dat de betrokkene zelf aanwezig was, en het arrest werd gewezen door mr. Weenink.
Uitkomst: Het gerechtshof verwierp het hoger beroep en bevestigde de opgelegde administratieve sanctie van 60 gulden.