ECLI:NL:GHLEE:2002:AE7311
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Huisman
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdig stellen van zekerheid WAHV
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie, maar stelde niet binnen de wettelijk gestelde termijn zekerheid voor betaling van de opgelegde administratieve sanctie. De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Betrokkene voerde aan dat zekerheidstelling overbodig was omdat de sanctie onterecht was opgelegd en dat de mededeling van de officier van justitie niet duidelijk maakte dat niet stellen van zekerheid tot niet-ontvankelijkheid leidt.
Het hof oordeelt dat op grond van art. 11 WAHV Pro zekerheid moet worden gesteld binnen twee weken na mededeling door de officier van justitie, en dat bij het uitblijven daarvan het beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat betrokkene in verzuim is geweest. De betrokkene is tweemaal schriftelijk geïnformeerd over de verplichting tot zekerheidstelling, en heeft de gelegenheid gehad het verzuim te herstellen.
Daarmee is het oordeel van de kantonrechter dat niet aan de wettelijke vereisten is voldaan juist, en het beroep terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het gerechtshof bevestigt deze beslissing en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens het niet tijdig stellen van zekerheid voor betaling van de sanctie.